Orde van Verdienste van de Italiaanse Republiek: betekenis, graden en regels

Ontdek de betekenis, zes graden en officiële regels van de Orde van Verdienste van de Italiaanse Republiek — toekenning, leeftijden en uitzonderingen duidelijk uitgelegd.

Schrijver: Leandro Alegsa

Het insigne, dat in 2001 is gewijzigd, draagt aan de voorzijde de inscriptie Al Merito della Repubblica, omcirkeld door het nationale wapenschild, en aan de achterzijde de Latijnse inscripties Patriæ Unitati (voor de eenheid van het land) en Civium Libertati (voor de vrijheid van de burgers), omcirkeld door het hoofd van Italia Turrita. Deze spreuken geven de grondgedachte van de orde weer: erkenning van verdienste ten dienste van de eenheid en de vrijheden van de Italiaanse samenleving.

Ontstaan en status

De Orde van Verdienste van de Italiaanse Republiek (Ordine al Merito della Repubblica Italiana) werd ingesteld na de oprichting van de Italiaanse Republiek als hoogste civiele onderscheiding van de staat. De president van de Republiek is het hoofd van de ridderorden en verleent onderscheidingen bij decreet, doorgaans op aanbeveling van de voorzitter van de Raad van Ministers. De uitvoering en administratieve afhandeling ligt bij de kanselarij van de Presidentiële Hofhouding (Quirinale).

Graden en draagwijze

De orde kent zes graden. Voor elke graad geldt een vaste draagwijze; in het algemeen geldt dat hogere graden zichtbaarder en met meerdere onderdelen (lint, ster, kraag) worden gedragen. De zes graden zijn:

  • Ridder Grootkruis met Kraag – het hoogste teken, bestaande uit een kraag (collier). Deze wordt uitsluitend toegekend aan staatshoofden en wordt om die reden zelden verleend. Het Ridder Grootkruis met Kraag wordt alleen aan staatshoofden verleend.
  • Ridder Grootkruis – draagt men met sjerp (over de schouder) en met een ster op de borst (grotekruis).
  • Grootofficier – kent de drager een ster op de borst toe en een draagteken aan de hals.
  • Commandeur – het draagteken wordt meestal om de hals gedragen; geen ster op de borst.
  • Officier – het kleinere draagteken wordt aan een lint op de borst gedragen, vaak met een rozet.
  • Ridder – de basisgraad; het draagteken wordt aan een lint op de linkerborst gedragen zonder rozet.

De linten en insignia zijn gestoeld op traditionele voorschriften voor ridderorden: kleur, breedte en plaats van de rozet of sjerp zijn gestandaardiseerd en worden in formele voorschriften beschreven.

Toekenningsregels en voorwaarden

  • Toekenning vindt plaats bij decreet van de president van de Italiaanse Republiek, op aanbeveling van de regering en relevante ministeries.
  • Normaliter wordt voor de eerste toekenning aan een persoon niet meteen een graad boven Ridder verleend; alleen bij uitzonderlijke verdiensten kan een hogere graad direct worden toegekend.
  • De minimumleeftijd is doorgaans 35 jaar. Voor uitzonderlijke prestaties of diensten kan hiervan worden afgeweken, maar dat vereist een duidelijke motivering.
  • Buitenlanders kunnen eveneens worden onderscheiden; diplomatieke gewoonten bepalen vaak welke graad passend is voor buitenlandse politici, officials of prominente persoonlijkheden.

Overige bepalingen

  • De Presidiale Kanselarij houdt registers bij van dragers en van verleende graden en kan regels geven voor ceremonieel en uniformering.
  • Intrekking of schorsing van de orde is mogelijk bij ernstige misdrijven of gedragingen die de eer van de onderscheiding ondermijnen; ook dit gebeurt formeel bij presidentieel decreet.
  • De orde wordt zowel aan civiele als aan militaire personen toegekend; voor militairen bestaan er aanvullende voorschriften voor het dragen van het insigne bij uniform.

Samengevat is de Orde van Verdienste van de Italiaanse Republiek de belangrijkste civiele eer van Italië. Zij erkent uiteenlopende vormen van verdienste — op politiek, maatschappelijk, cultureel, economisch en wetenschappelijk gebied — en heeft een gestructureerd systeem van graden, met strikte regels voor toekenning en draagwijze.



Zoek in de encyclopedie
AlegsaOnline.com - 2020 / 2025 - License CC3