Samuel Pepys, (23 februari 1633 - 26 mei 1703) was een Engelse administrateur bij de Admiraliteit en lid van het Parlement. Hij is beroemd geworden door zijn dagboek. Pepys wordt vaak genoemd als één van de belangrijkste ooggetuigen van de Restauratieperiode en van het dagelijks leven in het zeventiende-eeuwse Londen.
Pepys werd de eerste secretaris van de Admiraliteit onder Charles II, en later onder James II. Hoewel Pepys geen maritieme ervaring had, klom hij op door mecenaat, hard werken en zijn talent voor administratie. Zijn loopbaan werd sterk gesteund door invloedrijke beschermheren, vooral Edward Montagu, later graaf van Sandwich. Binnen de Admiraliteit verwierf Pepys bekendheid door zijn aandacht voor orde en efficiëntie: hij verbeterde boekhouding en archivering, hield toezicht op bevoorrading en scheepsbouw en werkte aan praktijken om fraude en verspilling te verminderen.
Vroege leven en opleiding
Pepys kreeg een degelijke opleiding: hij studeerde aan Magdalene College, Cambridge en vervolgde zijn opleiding bij het Middle Temple in Londen, wat hem juridische en administratieve vaardigheden opleverde die van pas kwamen in zijn ambtelijke werk. Zijn netwerk en taalvaardigheid — hij kon onder meer Frans en Latijn — droegen bij aan zijn snelle carrièreontwikkeling.
Het dagboek
Het gedetailleerde privé-dagboek dat hij bijhield van 1660-1669 werd voor het eerst gepubliceerd in de negentiende eeuw. Het is een van de belangrijkste primaire bronnen voor de Engelse Restauratieperiode. Het biedt een combinatie van persoonlijke aantekeningen en ooggetuigenverslagen van grote gebeurtenissen, zoals de Grote Pest van Londen, de Tweede Nederlandse Oorlog en de Grote Brand van Londen. Pepys schreef zijn aantekeningen in een korte notatie (de zogenaamde shorthand van Thomas Shelton), wat mede de reden was dat het dagboek lange tijd onontcijferd bleef. De eerste uitgave in 1825 schrapte of verzachtte delen van de tekst; later, vanaf de late 19e eeuw, verschenen meer volledige en kritische edities die een realistischer én completer beeld van zijn schrijfsels gaven.
Persoonlijk leven
Pepys trouwde in 1655 met Elizabeth St Michel. Het paar kreeg geen kinderen. In zijn dagboek beschreef hij ook intieme en persoonlijke episodes: zijn huwelijk, vriendschappen, amusementsleven en affaires — waaronder een bekende affaires met de jonge dienstbode Deborah ("Deb") Willet die in 1668 uitkwam. Hij onderhield ook banden met acteurs en kunstenaars van zijn tijd, en had brede culturele belangstelling.
Wetenschap, politiek en nalatenschap
Pepys was in 1665 gekozen als Fellow van de Royal Society en toonde belangstelling voor wetenschappelijke experimenten en inventarisatie. Politiek was hij actief als lid van het Parlement; hij vertegenwoordigde onder meer Harwich en Castle Rising in verschillende periodes. Na zijn actieve ambtelijke loopbaan kreeg hij te maken met beschuldigingen en politieke schommelingen, maar zijn administratieve bijdragen aan de Britse zeemacht bleven belangrijk voor de professionalisering van de marine.
Belangrijke onderdelen van zijn nalatenschap zijn bewaard gebleven: zijn uitgebreide bibliotheek en aantekeningen gingen naar Magdalene College, Cambridge, waar de Pepys Library nog steeds bestaat en een unieke collectie uit die periode bevat. Pepys werd begraven in St Olave's, Hart Street in Londen, waar nog steeds een gedenksteen aan hem herinnert. Zijn dagboek wordt tot op de dag van vandaag veel geraadpleegd door historici, letterkundigen en het brede publiek vanwege het directe, vaak eerlijk kritische karakter en de rijke beschrijvingen van het dagelijks leven en de gebeurtenissen van zijn tijd.


