In honkbal wordt met het begrip slag meestal bedoeld dat de slagman met zijn bat een door de werper (pitcher) geworpen bal raakt en daardoor zelf of een ploeggenoot(s) veilig een honk bereikt. Een slag geldt alleen wanneer de bal in het speelveld terechtkomt en de loper niet door een fout van de verdediging of een fielder's choice op het honk komt. Een slag kan uiteenlopen van een kort stootje voorbij het eerste honk tot een verre homerun die alle lopers thuisbrengt.
Belangrijkste soorten slagen
- Single: de slagman bereikt het eerste honk.
- Double: de slagman bereikt het tweede honk.
- Triple: de slagman bereikt het derde honk.
- Homerun: de bal gaat over de omheining of de slagman rondt alle honken en scoort zonder tussenkomst van fouten.
- Infield hit: een hit waarbij de bal in het binnenveld blijft maar de loper het honk haalt door snelheid of slechte verdediging.
Daarnaast bestaan er contactvormen zoals de ground ball (roterende bal over de grond), line drive (scherp, laag geschoten bal) en fly ball (hoog geschoten bal). Een opofferingsslag (sacrifice bunt of sacrifice fly) levert vaak een punt op voor de ploeg maar wordt niet altijd als hit geregistreerd.
Verschil met fouten en fielder's choice
Een slag wordt onderscheiden van situaties waarin een loper een honk bereikt door een verdedigingsfout of omdat de veldspeler een andere loper probeert uit te schakelen (fielder's choice). In die gevallen krijgt de slagman doorgaans geen hit aangerekend. De officiële scoringsregels bepalen precies wanneer een actie als hit telt; voor meer details, zie regels voor een slag.
Statistisch zijn slagen de basis voor belangrijke kengetallen: aantal hits (H), slaggemiddelde (batting average), slugging percentage en runs batted in (RBI). Deze cijfers helpen onderscheid te maken tussen contactspelers (veel hits, minder power) en kloppers (meer extra-base hits en homeruns).
Strategisch zijn slagen cruciaal: ze produceren punten, dwingen wijzigingen in de veldopstelling en bepalen vaak de looprichting van een wedstrijd. Situatiegerichte technieken — zoals slaan achter de loper, bunten of het richten op opofferingsslagen — illustreren hoe slagen onderdeel zijn van een breder tactisch spel in honkbal.