De Wiener Secession (ook bekend als de Unie van Oostenrijkse Kunstenaars, of Vereinigung Bildender Künstler Österreichs) werd in 1897 gevormd door een groep Oostenrijkse kunstenaars die de Vereniging van Oostenrijkse Kunstenaars, gehuisvest in het Weense Künstlerhaus, verlieten vanwege het conservatisme ervan. Tot deze beweging behoorden schilders, beeldhouwers en architecten. De eerste voorzitter van de Secession was Gustav Klimt, en Rudolf von Alt werd erevoorzitter.

Het werd op 3 april 1897 opgericht door de kunstenaars Gustav Klimt, Koloman Moser, Josef Hoffmann, Joseph Maria Olbrich, Max Kurzweil, en anderen. Hoewel de architect Otto Wagner een van de belangrijkste leden is, was hij geen stichtend lid. De eerste tentoonstelling werd gehouden in 1898. In 1898 werd het tentoonstellingsgebouw van de groep gebouwd in de buurt van de Karlsplatz. Het werd ontworpen door Joseph Maria Olbrich. Het tentoonstellingsgebouw werd al snel bekend onder de naam "de Secession" (die Sezession). Hun werk werd ook gepubliceerd in een tijdschrift genaamd "Ver sacrum".

1903 Josef Hoffmann en Koloman Moser richtten de Wiener Werkstätten op, een vereniging van kunstenaars die de toegepaste kunsten (kunstnijverheid) wilden hervormen. 1905 Klimt en andere kunstenaars verlieten de groep wegens verschillende opvattingen over kunst.