De Biellmann spin is een spin in kunstschaatsen. Hij wordt uitgevoerd op één voet. Het vrije been (het been dat niet op het ijs staat) wordt van achteren omhoog getrokken en boven het hoofd getrokken. De knie wordt licht gebogen en de rug wordt naar achteren gebogen in de spin. Dit vormt een traanpositie met het lichaam. In de klassieke versie van de spin worden beide armen gebruikt om het been omhoog te houden. Een licht gewijzigde versie heeft één hand op de schaats en de andere hand op de arm die de schaats omhoog houdt. Een wijziging kan zijn dat één hand kan worden afgezet. Als de hand die de spin omhoog houdt zich aan dezelfde kant van het lichaam bevindt als het been, wordt de spin een éénhandige Biellmann spin genoemd, omdat de spin met één hand wordt uitgevoerd. Indien de hand die de spin vasthoudt aan de andere kant van het lichaam is dan het been, wordt de spin een cross-grab Biellmann spin genoemd, omdat die hand het lichaam moet kruisen om de schaats te grijpen.
Er wordt ook gezegd dat de spin lijkt op een tulp op een draaischijf. Het is een van de meest iconische kunstschaatsbewegingen. Samen met de layback spin, wordt de Biellmann gebruikt in advertenties en iconen van kunstschaatsen. De positie wordt ook gebruikt in spiraal sequenties.
Oorsprong en naam
De naam verwijst naar de Zwitserse kunstschaatsster Denise Biellmann, die de positie populair maakte in de late jaren 1970 en vroege jaren 1980. Hoewel vergelijkbare vangposities al eerder bestonden, werd de strakke, verticale getrokken houding en de mate van flexibiliteit die Biellmann liet zien, kenmerkend en zorgde ervoor dat de spin naar haar werd vernoemd.
Techniek en uitvoering
Belangrijke technische punten om een goede Biellmann spin uit te voeren:
- Balans en centrering: de spin moet zoveel mogelijk gecentreerd zijn; veel val- en glijbeweging vermindert de esthetiek en kan punten kosten.
- Grip en handplaatsing: de hand pakt meestal de schaatssteel of het blad achter de enkel; een goede grip helpt het been omhoog te houden met minimale spanning in de nek en schouders.
- Flexibiliteit: veel schaatsers hebben sterke schouder-, rug- en quadriceps- en hamstringflexibiliteit nodig om het been hoog achter het hoofd te krijgen zonder overmatige stress.
- Rug- en borstextensie: de borst moet naar voren open blijven terwijl de rug soepel achterover buigt om compressie van de lage rug te beperken.
- Beenpositie: idealiter is het opgeheven been zo recht mogelijk; sommige skaters buigen de knie iets voor comfort of esthetiek.
Varianten
Naast de klassieke tweehandige uitvoering bestaan er meerdere varianten:
- Eénhandige Biellmann — slechts één hand houdt de schaats vast; vereist extra schouder- en rompstabiliteit.
- Cross-grab Biellmann — de hand kruist het lichaam om de schaats te grijpen; dit verandert de torsie en de uitstraling van de spin.
- Flying Biellmann — een Biellmann bereikt via een vliegende (jump) entree in de spin; dit verhoogt de moeilijkheid door de toevoeging van een sprong.
- Combineerde posities — sommige schaatsers combineren de Biellmann met een split-achtige beenstand of met andere spinvariaties voor artistieke waarde en hogere waardering.
Waardering en competitie
In wedstrijden wordt de Biellmann erg gewaardeerd vanwege de getoonde flexibiliteit en het visuele effect. Scheidsrechters en technische commissies letten op:
- de reinheid van de positie en de centrering van de spin,
- de mate van beenverlenging en rugbuiging,
- of de spin solide wordt uitgevoerd zonder ongecontroleerde glij- of stapbewegingen.
Een goed uitgevoerde Biellmann kan bijdragen aan de moeilijkheidsgraad van een spin en zodoende tot extra niveaus of positieve Grade of Execution (GOE) leiden.
Training, veiligheid en risico's
De Biellmann vereist geleidelijke opbouw en aandacht voor blessurepreventie:
- Warming-up en mobiliteit: altijd eerst goed dynamisch opwarmen en de schouders, rug en benen mobiliseren.
- Stretchoefeningen: gecontroleerde quadriceps-, heupbuiger- en rugextensiestretches; actieve hamstring- en schoudermobiliteitoefeningen.
- Core en stabiliteit: een sterke romp helpt het bekken en de wervelkolom te beschermen tijdens de achterwaartse buiging.
- Geleidelijke progressie: begin met kleinere ranges of halve varianten en bouw pas naar volledige hoogte wanneer flexibiliteit en controle toereikend zijn.
- Risico’s: overbelasting van de onderrug, hamstrings en knieën; bij jeugdige skaters moeten coaches terughoudend zijn en letten op groeigerelateerde kwetsbaarheden.
Praktische tips voor schaatsers
- Werk naast schaatsen ook aan flexibiliteit op de grond (yoga, pilates of gerichte stretchoefeningen).
- Oefen de positie eerst aan de barre of naast een hek om balans en de juiste grip te vinden.
- Let op ademhaling: ontspannen in- en uitademen helpt spanning in nek en schouders verminderen tijdens de achteroverbuiging.
- Vraag videofeedback of coachbegeleiding om kleine fouten in grip en positie te corrigeren.
De Biellmann blijft een symbolische en technisch veeleisende spin die, wanneer goed uitgevoerd, zowel judges als publiek imponeren. Met de juiste opbouw, techniek en aandacht voor veiligheid kan vrijwel iedere serieuze schaatser er stap voor stap naartoe werken.



