Rond de 13e en begin 14e eeuw werden veel Nederlandse steden belangrijk. Ze speelden een belangrijke rol in de politieke en economische zaken van hun leengoederen.
De Vlaamse steden kregen macht over hun graafschap. Toen Lodewijk II, graaf van Vlaanderen, stierf zonder mannelijke erfgenaam, regelden deze steden (Brugge, Ieper en Gent) een huwelijk tussen zijn dochter en de hertog van Bourgondië. Daarmee brachten zij gebeurtenissen op gang die leidden tot de Bourgondische en, in 1478, de Habsburgse Nederlanden.

