Snelheid is een maat voor de snelheid waarmee iets in een bepaalde richting beweegt. In de natuurkunde is snelheid een vectoriële grootheid: om een beweging volledig te beschrijven heb je zowel de grootte als de richting nodig. Bijvoorbeeld: als een voorwerp naar het oosten beweegt met 9 meter per seconde (9 m/s), dan is zijn snelheid 9 m/s naar het oosten — de grootte is 9 m/s en de richting is oost.
Belangrijke punten over snelheid:
- Gemiddelde snelheid over een tijdsinterval Δt wordt gedefinieerd als de verplaatsing Δx gedeeld door Δt: v_avg = Δx / Δt. Hier is Δx een vector (verplaatsing), zodat v_avg ook een vector is.
- Instantane snelheid is de snelheid op een bepaald tijdstip en wordt wiskundig gegeven door de afgeleide van de plaats naar de tijd: v(t) = dx/dt. Dit is eveneens een vector en kan in componenten worden uitgedrukt (vx, vy, vz).
- Snelheidsgrootte (de scalar) is de absolute waarde of norm van de snelheidsvector: |v| = sqrt(vx² + vy² + vz²). Vaak spreekt men in informele taal over "snelheid" wanneer men de grootte bedoelt; in natuurkunde is het echter belangrijk onderscheid te maken tussen vector (richting + grootte) en alleen de grootte.
- Richting en teken: in één dimensie geeft een negatief teken aan dat de beweging tegenovergestelde richting heeft van de gekozen positieve as. In meerdere dimensies wordt richting beschreven door de vectorrichting of door een hoek ten opzichte van assen.
- Referentiekader: snelheid is altijd gedefinieerd ten opzichte van een gekozen referentiekader. Een loper heeft bijvoorbeeld een andere snelheid ten opzichte van de grond dan ten opzichte van een bewegende trein.
- Relatieve snelheid: snelheden tellen vectorieel op. De snelheid van A ten opzichte van B is v_A/B = v_A − v_B.
Praktische voorbeelden en toelichting:
- Als een auto 72 km/h rijdt naar het oosten, kun je dit omrekenen naar 20 m/s; de snelheid is dan 20 m/s oostwaarts (grootte 20 m/s, richting oost).
- In een rechte lijn naar het westen met 5 m/s kun je ook zeggen dat de snelheid −5 m/s is als je de oostrichting als positief neemt; het negatieve teken geeft de omgekeerde richting aan.
- Bij kromme bewegingen verandert de richtingscomponent in de tijd: zelfs als de grootte constant blijft (zoals bij een massa die met constante snelheid in een cirkel draait), verandert de snelheidsvector vanwege de draaiing van de richting.
Kort samengevat: snelheid in de natuurkunde is een vector die zowel grootte als richting heeft; je moet altijd vermelden ten opzichte van welk referentiekader die snelheid geldt. Wiskundig gebruik je verplaatsing en tijd (Δx/Δt) of afgeleiden (dx/dt) om snelheden precies te beschrijven, en vectorielle eigenschappen zoals componenten en vectoroptelling zijn essentieel voor correcte analyses.