Maar de term wordt ook gebruikt voor een groep christelijke kerken die deze nauwe band van gemeenschap met elkaar hebben. Een voorbeeld is de Anglicaanse gemeenschap.
Als de relatie tussen de Kerken volledig is, met volheid van "die banden van gemeenschap - geloof, sacramenten en pastoraal bestuur - die de gelovigen in staat stellen het leven van genade binnen de Kerk te ontvangen",[1] dan wordt dat volledige gemeenschap genoemd. Maar de term "volledige gemeenschap" wordt ook vaak gebruikt in die zin dat deze christelijke kerken niet verenigd zijn, maar slechts een regeling hebben waarbij de leden van elke kerk bepaalde rechten hebben binnen de andere.
Als een kerk erkent dat een andere kerk, waarmee zij geen banden van pastoraal bestuur heeft, bepaalde geloofsovertuigingen en wezenlijke praktijken van het christendom met haar deelt, kan zij spreken van "gedeeltelijke gemeenschap" tussen haar en de andere kerk.
De gemeenschap der heiligen is de relatie die, volgens het geloof van de christenen, bestaat tussen hen als mensen die heilig zijn gemaakt door hun band met Christus. Onder deze relatie worden over het algemeen niet alleen degenen verstaan die nog in het aardse leven zijn, maar ook degenen die de dood zijn gepasseerd om "thuis te zijn bij de Heer" (2 Korintiërs 5:8).
Op een speciale manier wordt de term communie toegepast op het delen in de Eucharistie.