De hoge vertegenwoordiger voor het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid is een functie die is ingesteld bij het Verdrag van Lissabon, dat op 1 december 2009 in werking is getreden (de functie was eigenlijk al in 1999 ingesteld). De functie maakt deel uit van de Europese Commissie.
Haar taak is om, samen met de president van Europa, het gezicht van de Europese Unie te zijn in de rest van de wereld.
De functie staat soms terloops bekend als "de Europese minister van Buitenlandse Zaken", maar dat is niet juist, omdat zij geen lid is van een regering.
Hoge vertegenwoordigers:
Definitie en positie binnen de EU
De hoge vertegenwoordiger is het gezicht en de coördinator van het buitenlandse beleid van de Europese Unie. Formeel combineert de functie twee rollen: vertegenwoordiger van het gemeenschappelijk buitenlands- en veiligheidsbeleid (CFSP) van de raad van de EU en tegelijk vicevoorzitter van de Europese Commissie. Door deze dubbele positie moet de hoge vertegenwoordiger de externe optredens van de EU afstemmen tussen de intergouvernementele besluitvorming van de lidstaten en het supranationale werk van de Commissie.
Belangrijkste bevoegdheden en taken
- Coördinatie van het buitenlands- en veiligheidsbeleid: initiëren en coördineren van het beleid binnen het kader dat de lidstaten vaststellen.
- Vertegenwoordiging naar buiten toe: optreden als hoofdspreker van de EU in internationale fora en bij bilaterale contacten met derde landen en internationale organisaties, binnen de bevoegdheden van de EU.
- Voorzitter van de Raad Buitenlandse Zaken (Foreign Affairs Council): de hoge vertegenwoordiger leidt de vergaderingen van de ministers van Buitenlandse Zaken en bereidt besluiten voor.
- Hoofd van de Europese Dienst voor extern optreden (EEAS): aansturing van het diplomatieke apparaat van de EU (ambassades/delegaties) en het diplomatieke personeel in het buitenland.
- Beleidssamenhang waarborgen: als vicevoorzitter van de Commissie zorgt de hoge vertegenwoordiger voor coherentie tussen het buitenlands beleid van de Commissie en dat van de lidstaten.
- Crisisbeheer en defensie-coördinatie: betrokken bij de planning en uitvoering van civiele en militaire EU-missies binnen het kader van het Gemeenschappelijk Veiligheids- en Defensiebeleid (GVDB/CSDP).
- Onderhandelen en voorstellen: kan namens de EU onderhandelen over internationale overeenkomsten binnen het mandaat dat de lidstaten toekennen en kan voorstellen doen voor sancties of andere beleidsreacties.
Beperkingen van de bevoegdheden
- De hoge vertegenwoordiger beschikt niet over dezelfde macht als een nationaal minister van buitenlandse zaken: veel beslissingen vallen onder de soevereiniteit van de lidstaten en worden gezamenlijk in de Raad genomen.
- Belangrijke beleidskeuzes vereisen doorgaans de instemming van de lidstaten; de HR kan voorstellen en onderhandelen, maar bindende beslissingen worden door de Raad genomen.
- De HR is geen staatshoofd of regeringsleider en kan geen bindende bilaterale verdragen afsluiten zonder mandaat van de Raad of van de lidstaten waar nodig.
Benoeming en termijn
De hoge vertegenwoordiger wordt benoemd door de Europese Raad (de staatshoofden en regeringsleiders) met gekwalificeerde meerderheid, met instemming van de voorzitter van de Commissie. Omdat de hoge vertegenwoordiger tevens vicevoorzitter van de Commissie is, maakt hij of zij deel uit van het college van commissarissen en geldt doorgaans een termijn die synchroon loopt met die van de Europese Commissie (meestal vijf jaar). De Europese Parlement moet de Commissie als geheel goedkeuren, waardoor het indirect ook invloed heeft op de benoeming.
Geschiedenis en belangrijke houders van het ambt
De functie is historisch voortgekomen uit de behoefte aan duidelijkere en beter gecoördineerde externe vertegenwoordiging van de EU. In 1999 werd een eerdere versie van de post (de Hoge Vertegenwoordiger voor het Gemeenschappelijk Buitenlands- en Veiligheidsbeleid) ingesteld. Het Verdrag van Lissabon (2009) bracht de ambtstermijn en taken samen met de rol van Commissaris voor Externe Relaties en creëerde de hedendaagse, gecombineerde functie en de Europese Dienst voor extern optreden (EEAS).
Enkele belangrijke houders waren onder meer:
- Javier Solana (1999–2009) — eerste lange termijn Hoge Vertegenwoordiger in de oudere vorm en bekend geworden als coördinator van buitenlands beleid in die periode.
- Catherine Ashton (2009–2014) — eerste hoge vertegenwoordiger na het Verdrag van Lissabon en de eerste die tevens vicevoorzitter van de Commissie werd onder de nieuwe regeling.
- Federica Mogherini (2014–2019) — zette de integratie tussen de Commissie en de raadswerking verder en ontwikkelde het werk van de EEAS.
- Josep Borrell (2019–heden) — huidige hoge vertegenwoordiger (sinds 2019) die de EU vertegenwoordigt in verschillende geopolitieke dossiers.
Werking in de praktijk
In de praktijk functioneert de hoge vertegenwoordiger als schakel tussen de lidstaten, de Europese Raad, de Europese Commissie en de EEAS. Succesvolle buitenlandse optredens hangen sterk af van politieke steun van de lidstaten en van consensusvorming in de Raad. De HR probeert met diplomatie, coördinatie en publieke optredens de zichtbaarheid en invloed van de EU op het wereldtoneel te vergroten, maar is steeds gebonden aan mandaten en politieke realiteit binnen de Unie.
Belang voor burgers
- De hoge vertegenwoordiger speelt een rol bij het beschermen van Europese waarden (zoals mensenrechten) in het buitenland en bij het reageren op internationale crises.
- Besluiten die de HR voorbereidt of uitvoert kunnen gevolgen hebben voor beveiligingsbeleid, handelssancties, ontwikkelingssamenwerking en humanitaire hulp waarvoor Europese middelen worden ingezet.
Samengevat is de hoge vertegenwoordiger een centrale, maar in veel opzichten ook beperkte, actor in het Europese buitenlands- en veiligheidsbeleid: een bruggenbouwer tussen nationale belangen en gemeenschappelijke EU-doelen, met middelen en zichtbaarheid, maar afhankelijk van de politieke wil van de lidstaten.