Tommy Flowers MBE (Thomas Harold Flowers, 22 december 1905 - 28 oktober 1998) was een Brits ingenieur. Tijdens de Tweede Wereldoorlog ontwierp Flowers Colossus, 's werelds eerste programmeerbare elektronische computer, om te helpen bij het oplossen van gecodeerde Duitse berichten.

De eerste Mark 1, met 1500 vacuümbuiskleppen, draaide in november 1943 in Dollis Hill, en vervolgens in januari 1944 in Bletchley Park.

Een Mark 2 herontwerp met 2.400 kleppen was begonnen voordat de eerste computer klaar was. De eerste Mark 2 Colossus werd op 1 juni 1944 in Bletchley Park in gebruik genomen, en produceerde onmiddellijk vitale informatie voor de op handen zijnde landing op D-Day.

Vroege carrière en expertise

Flowers werkte als ingenieur bij het Post Office Research Station in Dollis Hill, waar hij veel ervaring opdeed met thermionische buizen (vacuümbuizen) en snelle elektronische schakelingen. Omdat hij vertrouwde op de betrouwbaarheid van deze buizen, durfde hij een volledig elektronische machine te ontwerpen in een tijd waarin veel vakgenoten nog terughoudend waren en liever mechanische of relaisgestuurde systemen gebruikten.

Ontwikkeling van Colossus

Colossus ontstond uit de noodzaak de Lorenz SZ‑42 geheimschrijfmachine (door de Britten 'Tunny' genoemd) te analyseren. Waar mechanische en elektromechanische methoden te traag waren, bood een elektronische aanpak een veel hogere verwerkingssnelheid. Flowers ontwierp in korte tijd een systeem met duizenden vacuümbuizen en snelle leesapparatuur voor papieren tape, gecombineerd met programmeerbare schakelingen (plugboards en schakelpanelen) waarmee verschillende zoek- en vergelijkingstaken konden worden uitgevoerd.

Werking en inzet tijdens de oorlog

Colossus las gecodeerde boodschappen van papieren tape met behulp van foto‑elektrische lezen en kon patronen en sleutelinstellingen zeer snel vergelijken en testen. De machines werden bemand en bediend door personeel van de Women's Royal Naval Service (de Wrens) en door cryptanalisten van Bletchley Park. Dankzij Colossus konden grote aantallen Lorenz‑berichten automatisch worden geanalyseerd, waardoor men veel sneller bruikbare inlichtingen kon verkrijgen. De informatie droeg direct bij aan geallieerde operaties, waaronder de voorbereiding en uitvoering van de landing op D‑Day.

Geheimhouding, vernietiging en latere erkenning

Na de oorlog bleef het bestaan en de rol van Colossus lange tijd strikt geheim. Veel machines werden ontmanteld en onderdelen vernietigd volgens orders, waardoor Flowers en zijn collega’s niet direct erkenning kregen voor hun bijdrage aan de ontwikkeling van de elektronische computer. Pas tientallen jaren later, toen documenten werden vrijgegeven, kwam het verhaal van Colossus en Flowers breed naar buiten en kreeg hij de waardering die hij verdiende.

Nalatenschap

Colossus wordt beschouwd als een mijlpaal in de geschiedenis van de computertechniek: een van de eerste (zo niet de eerste) programmeerbare elektronische digitale rekenmachines op grote schaal gebruikt voor praktische toepassingen. Het ontwerp van Flowers toonde aan dat betrouwbare grootschalige elektronische computers haalbaar waren en legde mede de basis voor de naoorlogse ontwikkeling van computers.

Een werkende reconstructie van Colossus werd later gebouwd door een team onder leiding van Tony Sale en staat tentoongesteld bij The National Museum of Computing in Bletchley Park. Flowers zelf bleef na de oorlog blijven werken aan elektronische technologieën en overleed in 1998. Zijn bijdrage aan cryptanalyse en de vroege computerontwikkeling wordt nu algemeen erkend en gevierd.