Forensische wetenschap (of forensisch onderzoek) houdt in dat verschillende takken van de wetenschap samenwerken om de vragen te beantwoorden die een advocaat zou stellen. Meestal gaat het er bij forensische wetenschap om te bewijzen dat iemand aanwezig was op een plaats waar een misdaad werd gepleegd. Specialisten nemen monsters die later in een laboratorium worden geanalyseerd. De meeste forensische tests kunnen een uur tot een jaar duren, en onderzoekers moeten het antwoord dubbel (en driedubbel) controleren, zodat ze weten dat het antwoord het juiste is. Als een forensisch team een fout maakt, kan de verkeerde persoon in de gevangenis belanden, of kunnen ze zelf in de problemen komen.

Tot de monsters die gewoonlijk worden genomen behoren vingerafdrukken. Er wordt ook gezocht naar andere dingen die gebruikt kunnen worden, bijvoorbeeld een paar haren (of stukjes huid). Monsters zoals haar of huid kunnen worden gebruikt voor DNA-testen, waarmee onder meer het geslacht van de persoon van wie het haar afkomstig is, kan worden achterhaald.

Wanneer iemand wordt beschuldigd van het plegen van een misdrijf, kunnen deze bewijsstukken met elkaar worden vergeleken. Als ze juist zijn, wordt de persoon beschuldigd.