De term Naga-volk (Birmaans: နာဂ, Hindi: नागा) verwijst naar een conglomeratie van verschillende stammen die het noordoostelijke deel van India en het noordwesten van Birma bewonen. De stammen hebben vergelijkbare culturen en tradities, en vormen de grootste etnische groep in de Indiase deelstaten Nagaland, Assam en het betwiste gebied van Zuid-Tibet.