Vóór de Valois was er geen permanent balletgezelschap in Londen, al waren er wel een paar kwaliteitsdansscholen die van tijd tot tijd voorstellingen gaven. Het gezelschap dat het Royal Ballet werd, begon als het Vic-Wells Ballet, opgericht door de Valois in 1931. Het had Anton Dolin als gastdanser. In 1933 werd het gezelschap versterkt met Alicia Markova, die werd benoemd tot prima ballerina. Op dat moment trok de Valois zich terug als artieste, maar bleef directeur. Haar reputatie was nu gevestigd als organisator en lerares. Ze was ook choreografe, met een aantal balletten op haar naam. Haar ballet Checkmate wordt vandaag de dag nog steeds gedanst.
Madame', zoals ze door iedereen werd genoemd, trok grote talenten aan voor het gezelschap. In 1935 nam zij Frederick Ashton aan als hoofdchoreograaf en Constant Lambert als muzikaal leider. Tamara Karsavina was een dansadviseur. Uiteindelijk bestond het gezelschap uit veel van de beroemdste balletdansers ter wereld, waaronder Margot Fonteyn, Svetlana Beriosova, en, het meest sensationeel, Rudolf Nureyev.
Als manager had ze een geduchte reputatie. Ze duldde geen wangedrag, of iets dat in de weg stond van de dans. Een jongere danser zei:
"Ze kon absoluut angstaanjagend zijn en ik beschouw het als een van de zegeningen van mijn leven dat ik nooit die kant van haar zag... De drakenmanier was zakelijk. Buiten dat was ze de meest geestige, verrukkelijke, intelligente en geïnformeerde metgezel".
Het Vic-Wells kreeg een koninklijk statuut in 1956, en werd het Royal Ballet. Madame was de eerste directeur. Zij ging in 1963 met pensioen bij het Royal Ballet, maar was nog jaren van grote invloed. Ze werd benoemd tot "Companion of Honour" en onderscheiden met de "Order of Merit". Madame overleed op 102-jarige leeftijd in 2001.