Mateo Alemán y de Enero (Sevilla, Spanje, 1547 - 1615? in Mexico) was een Spaanse schrijver.
Hij studeerde in 1564 af aan de Universiteit van Sevilla en studeerde later aan Salamanca en Alcalá. Van 1571 tot 1588 bekleedde hij een functie in de schatkist. Hij stamde af van joden die zich na 1492 tot het katholicisme hadden bekeerd. Een van zijn voorouders was door de inquisitie verbrand omdat hij in het geheim het jodendom bleef beoefenen. In 1599 publiceerde hij het eerste deel van Guzmán de Alfarache. Het was een geliefd boek dat in minstens zestien edities in vijf jaar werd gedrukt.
In 1571 trouwde hij met Catalina de Espinosa. Het was geen gelukkig huwelijk. Hij zat voortdurend in geldmoeilijkheden en werd eind 1602 in Sevilla opgesloten wegens schulden.
In 1608 verhuisde Alemán naar Amerika. Naar verluidt werkte hij als drukker in Mexico. Zijn Ortografía castellana (1609), gepubliceerd in Mexico, bevat ideeën voor de hervorming van de Spaanse spelling. Van Alemán is na 1609 niets meer bekend, maar men denkt soms dat hij in 1617 nog leefde.

