In de taalkunde hebben zelfstandig naamwoorden een grammaticaal nummer. Meervoud is één soort grammaticaal getal. In het Engels worden meervoudige zelfstandig naamwoorden geteld als meer of minder dan één (bijv., -32 graden, geen bananen, 0,5 liter, 1,2 gram, twee keer, drie vissen, 20 moeders). Daarentegen verwijst een enkelvoudig zelfstandig naamwoord gewoonlijk naar iets dat je slechts als één zou tellen (bijv., één keer, een glas, de zon, mijn moeder, Jennifer). Zelfstandige naamwoorden die niet geteld kunnen worden, zijn ook enkelvoudig in het Engels (bijv. water, het vlees, wat ruimte, enz.).
In veel talen wordt een achtervoegsel (woorduitgang) aan een woord toegevoegd om aan te geven dat het woord meervoud is. In het Engels is het normale meervoudsachtervoegsel -s (bijv. kat is enkelvoud, en katten is meervoud).
Vragen en antwoorden
V: Wat is grammaticaal getal in de taalkunde?
A: Grammaticaal nummer in de taalkunde is een kenmerk van zelfstandig naamwoordzinnen dat onderscheid maakt tussen enkelvoud en meervoud.
V: Wat betekent meervoud in het Engels?
A: In het Engels betekent meervoud meer of minder dan één.
V: Kunnen enkelvoudige naamwoordzinnen naar meer dan één van iets verwijzen?
A: Nee, enkelvoudige naamwoordzinnen verwijzen meestal naar iets dat u slechts als één zou tellen.
V: Hoe noemt u zelfstandig naamwoordelijke zinnen die niet geteld kunnen worden?
A: Zelfstandige naamwoorden die niet geteld kunnen worden, zijn ook enkelvoudig in het Engels.
V: Hoe geven sommige talen aan dat een zelfstandig naamwoord meervoud is?
A: Sommige talen geven aan dat een zelfstandig naamwoord meervoud is door een achtervoegsel (woordeinde) aan het woord toe te voegen.
V: Wat is het normale achtervoegsel voor meervoud in het Engels?
A: Het normale achtervoegsel voor meervoud in het Engels is -s.
V: Wat is een voorbeeld van een enkelvoudig zelfstandig naamwoord in het Engels?
A: Een voorbeeld van een enkelvoudig zelfstandig naamwoord in het Engels is "a glass".