Blauwtonghagedis redirects hier.

Blauwtongskinks vormen het Australische geslacht Tiliqua, dat enkele van de grootste leden van de skinkfamilie (Scincidae) telt. Ze worden in Australië ook blauwtongskinkjes of gewoon blauwtongskinkjes, shinglebacks of de slaperige hagedis genoemd. Het belangrijkste kenmerk van het geslacht is een grote blauwe tong waarmee vijanden kunnen worden afgeschrikt.

Uiterlijk en afmetingen

Blauwtongskinks hebben een gedrongen, plomp lichaam met korte poten en gladde, glanzende schubben. De kop is relatief breed en de tong opvallend felblauw tot blauwzwart. Volwassen dieren variëren qua lengte; veel soorten bereiken tussen de 30 en 60 cm totale lengte, afhankelijk van soort en leefgebied. Sommige soorten, zoals de shingleback (Tiliqua rugosa), hebben een korte, dikke staart die als vetreserve dient.

Soorten en herkenning

Het geslacht Tiliqua omvat meerdere soorten en ondersoorten die qua kleur en patroon kunnen verschillen: van egaal bruin tot gestreept of gevlekt. Enkele bekende vormen zijn de noordoostelijke en westelijke blauwtongskink-varianten en de shingleback. De exacte indeling en namen kunnen per bron variëren, maar gemeenschappelijk voor het geslacht is de blauwgekleurde tong en het robuuste lichaam.

Verspreiding en habitat

Blauwtongskinks komen wijdverspreid voor in Australië, van kustgebieden tot halfdroge binnenlanden. Ze bewonen uiteenlopende habitats zoals open bossen, graslanden, heidevelden, landbouwgebieden en stedelijke tuinen. Veel soorten zijn opportunistisch en profiteren van randen tussen natuur en landbouw of bebouwing.

Voeding

Deze skinken zijn alleseters: hun dieet bestaat uit insecten en andere ongewervelden, slakken, kleine zoogdieren of reptielen, maar ook uit plantaardig materiaal zoals bessen, fruit, bloemen en bladeren. Jonge dieren eten meer dierlijk eiwit, terwijl oudere exemplaren meer plantaardig materiaal kunnen opnemen.

Voortplanting en levensduur

Blauwtongskinks zijn overwegend levendbarend (vivipaar): vrouwtjes brengen levend jongen ter wereld, meestal tussen de enkele en enkele tientallen jongen per worp, afhankelijk van soort en individuele conditie. Sommige soorten vormen langdurige paarbanden; shinglebacks staan erom bekend monogame paren te vormen die meerdere seizoenen samen blijven. In het wild kunnen deze hagedissen tientallen jaren oud worden; in gevangenschap is een leeftijd van 15–30 jaar geen uitzondering bij goede verzorging.

Gedrag en verdediging

Bij dreiging laten blauwtongskinks zich vaak zien door hun bek wijd open te zetten en de felblauwe tong te laten zien. Dit dient om vijanden af te schrikken. Ze kunnen ook sissen, hun lichaam opblazen of bijten als laatste redmiddel. Sommige soorten hebben een dikke staart waarin vet wordt opgeslagen; bij die soorten is staartverlies (autotomie) minder gebruikelijk omdat de staart functioneel belangrijk is.

Bedreigingen en bescherming

Hoewel veel blauwtongskinks op soortniveau niet direct bedreigd zijn, ondervinden ze lokaal hinder van habitatverlies, wegverkeer, honden en katten en illegale handel. Bescherming van leefgebieden, voorlichting en verantwoord huisdierenbezit helpen om populaties gezond te houden.

Blauwtongskinks als huisdier

Door hun rustige gedrag en robuuste aard zijn sommige soorten populair als huisdier. Verantwoord houden vereist een ruim terrarium, een goed ingestelde warmtegnaad met een warm plekje en een koeler deel, voldoende UVB-belichting, een gevarieerd dieet en regelmatige controles op gezondheid. Informeer altijd naar de herkomst van dieren en koop alleen bij betrouwbare fokkers of herplaatsingscentra.