Anarchie (van het Oudgriekse αναρχια: "zonder archons") is een woord met meerdere, vaak verwante betekenissen. In het dagelijks gebruik en in politieke discussies worden minstens drie uiteenlopende betekenissen onderscheiden:
- Een samenleving zonder centraal gezag of heerser, zoals bedoeld door aanhangers van het anarchisme. In deze betekenis is anarchie een politiek ideaal of praktijk: een georganiseerde, maar staatloze manier van samenleven (zie ook anarcho-communisme).
- Het ontbreken van politieke orde of effectieve overheidsgezag, vaak geassocieerd met chaos en geweld; deze betekenis wordt veel door de media en officiële rapporten gebruikt.
- Een situatie waarin mensen niet (meer) samenleven als een coherente groep — bijvoorbeeld omdat gedeelde normen, instituties of sociale banden zijn verdwenen. Dit overlapt deels met het sociologische begrip anomie.
In de eerste betekenis kan een anarchie zowel een theoretisch model zijn als een echte samenleving die bewust is georganiseerd zonder staatliche top. Anarchistische stromingen verschillen sterk in ideeën over hoe zo’n samenleving functioneert: sommigen leggen nadruk op gedecentraliseerde gemeenschappen en vrijwillige samenwerking, anderen op economische delen via coöperaties of vreedzame gemeenschapsraden.
Voorbeelden van staatloze of 'anarchistische' situaties
In de tweede betekenis — waar staatloosheid als een toestand van ontbrekend overheidsgezag wordt gezien — noemen bronnen incidenteel concrete landen of regio's. Zo wordt in sommige uitgaven van het CIA World Factbook een natie expliciet genoemd: Somalië, waar centrale regering lange periodes van beperkte controle kende en delen van het grondgebied door gewapende facties of krijgsheren werden beheerd.
Sommige landen hebben periodes doorgemaakt waarin de overheid verzwakt of in transitie was; voorbeelden die in analyses worden genoemd zijn onder andere Afghanistan, Albanië, Burundi, Bosnië en Herzegovina en Rwanda. Ook wordt bij landen als de Salomonseilanden aangegeven dat geweld, corruptie en afnemende maatschappelijke instituties kunnen leiden tot een neiging naar anomie of politieke desintegratie.
Er bestaan ook historische voorbeelden van periodes met weinig of geen centraal gezag maar wel sociale ordening: de Zomia-regio in Zuidoost-Azië (een concept uit de antropologie), de Makhnovitsjtsjina in Oekraïne (vrijheidsbeweging rond Nestor Makhno in 1918–1921), en delen van Spanje tijdens de Spaanse Burgeroorlog (1936–1939) waar anarchistische collectieven en syndicalistische structuren tijdelijk bestuursfuncties vervulden. Oudere voorbeelden zijn onder meer het IJslandse vrijheidsstelsel (de zogeheten Commonwealth-periode) dat zonder sterke centrale monarchie functioneerde — zulke gevallen worden door historici verschillend beoordeeld en lijken vaak kenmerken van zowel zelfbestuur als vormen van lokale elitebesturing te bevatten.
Verschil tussen 'anarchie', 'polyarchie' en 'interregnum'
Wanneer er geen sterk centraal gezag is, kunnen meerdere concurrerende autoriteiten of gewapende groepen tegelijk om controle strijden. In die situatie spreken sommige deskundigen eerder van een polyarchie of meervoudig gezag dan van ware anarchie — omdat er juist verschillende machtscentra bestaan in plaats van geen hiërarchie. Dit onderscheid is belangrijk in discussies over de praktische haalbaarheid van anarchistische ideeën: de afwezigheid van een staat kan leiden tot vrijwillige zelforganisatie, maar ook tot machtsvacuüm waarin geweld en rivaliserende machtsblokken ontstaan.
Anarchie die ontstaat na de dood of afzetting van een heerser en eindigt zodra een opvolger de macht overneemt, wordt in het Nederlands ook wel interregnum genoemd (letterlijk: "tussen heerschappijen").
‘De Anarchie’ als historische aanduiding
Een specifiek historisch gebruik van het woord is de aanduiding "De Anarchie" voor de burgeroorlog en de onrust in Engeland tijdens de regering van Stephen van Engeland. In dit soort contexten wordt het woord vaak als een naam voor een bepaalde turbulente periode gebruikt.
Anarchisme als politieke stroming en veelvoorkomende misverstanden
Anarchisme is een politieke stroming die autoriteit, hiërarchische macht en de noodzaak van een staat kritisch bekijkt en bij voorkeur vervangt door vrijwillige, horizontale vormen van organisatie. Er bestaan vele takken van het anarchisme, onder meer:
- Anarcho-communisme: pleit voor gemeenschappelijk bezit van productiemiddelen en georganiseerde, gedecentraliseerde gemeenschappen (zie ook anarcho-communisme).
- Anarcho-syndicalisme: legt de nadruk op vakbondsorganisatie, directe actie en arbeiderszelfbestuur.
- Individualistisch anarchisme: benadrukt individuele vrijheid en autonomie boven collectieve structuren.
- Mutualisme en collectivisme: varianten die verschillen in eigendomsvormen en economische organisatie, maar meestal streven naar vrijwillige samenwerking zonder staat.
Veel misverstanden over anarchie ontstaan doordat het woord in de omgangstaal vaak synoniem wordt gebruikt met 'chaos' of 'geweld'. Politieke filosofen en activisten maken een duidelijk onderscheid tussen een ordeloze toestand (waarbij regels en instituties ontbreken) en een doelbewust georganiseerde, niet-hiërarchische samenleving waarin ordening ontstaat door onderlinge afspraken en netwerken van vrijwillige samenwerking.
Kort samengevat
Anarchie kan wijzen op (1) een politiek-ideaal van staatloos maar georganiseerd samenleven, (2) de afwezigheid van effectief overheidsgezag en daarmee samenhangende onrust, of (3) sociale ontbinding zonder gemeenschappelijke normen. De praktische uitkomst van stateloosheid hangt sterk af van lokale omstandigheden: sociale tradities, economische omstandigheden, de aanwezigheid van burgersamenwerking en externe invloeden bepalen of een situatie leidt tot zelforganisatie of juist tot rivaliserend geweld.


