Herbert Clark Hoover (10 augustus 1874 - 20 oktober 1964) was de 31e president van de Verenigde Staten van 1929 tot 1933. Hij was een wereldberoemde mijnbouwingenieur en humanitair bestuurder. Als minister van Handel van de Verenigde Staten in de jaren 1920 onder de presidenten Warren G. Harding en Calvin Coolidge, bevorderde hij de economische modernisering. Kort nadat hij president was geworden, begon de Grote Depressie. Veel mensen namen het Hoover kwalijk dat hij in die tijd niet genoeg deed om de mensen te helpen.

Vroege leven en opleiding

Herbert Hoover werd geboren in West Branch, Iowa. Hij groeide op in een bescheiden gezin en studeerde aan de toen pas opgerichte Stanford University, waar hij in 1895 afstudeerde als mijnbouwingenieur. Zijn opleiding en interesse in geologie en techniek maakten hem tot een succesvolle ingenieur en ondernemer, vooral actief in Australië, China en andere delen van de wereld.

Internationale carrière en humanitair werk

Buitenlandse opdrachten gaven Hoover veel ervaring met logistiek en organisatie. Tijdens de Eerste Wereldoorlog organiseerde hij omvangrijke hulpacties: eerst als leider van de Commission for Relief in Belgium en later via de American Relief Administration. Hij coördineerde voedsel- en hulpzendingen naar miljoenen mensen in Europa en verdiende daarmee een reputatie als bekwaam humanitair bestuurder.

Minister van Handel

In de jaren 1920 diende Hoover als minister van Handel onder presidenten Harding en Coolidge. Hij stimuleerde standaarden, efficiëntie en modernisering van industrie en transport, en bevorderde maatregelen op het gebied van handelsstatistiek, luchtvaart en radio. Zijn aanpak was technisch en gericht op samenwerking tussen overheid en bedrijfsleven.

Presidentschap en de start van de Grote Depressie

Hoover werd president in 1929. Kort na zijn aantreden vond de beurskrach van oktober 1929 plaats, gevolgd door een snelle economische neergang. Hoover geloofde aanvankelijk in vrijwillige samenwerking van bedrijven, lokale en staatsregeringen en in het belang van evenwichtige begrotingen. Die nadruk op vrijwilligheid en voorzichtigheid bij directe federale hulp leidde tot veel kritiek toen de werkloosheid en armoede groeiden.

Belangrijke maatregelen en controverse

  • Smoot-Hawley-tarief (1930): verhoging van invoerheffingen die internationaal werd bekritiseerd en mogelijk de handel verlaagde.
  • Publieke werken: vergroting van overheidsinvesteringen, onder meer het werk aan de Hoover Dam (oorspronkelijk Boulder Dam), bedoeld om banen te scheppen en infrastructuur te verbeteren.
  • Reconstruction Finance Corporation (RFC, 1932): een instelling om leningen te verstrekken aan banken, spoorwegen en andere instellingen om de kredietmarkt te stabiliseren.
  • Bonus Army (1932): de gewelddadige ontruiming van protesterende WO I-veteranen beschadigde Hoovers imago en versterkte de indruk dat zijn regering hardvochtig optrad tegenover de behoeftigen.

Verlies van herverkiezing en latere publieke functies

In 1932 verloor Hoover de presidentsverkiezingen van Franklin D. Roosevelt. In de decennia daarna bleef hij actief in openbaar bestuur en in humanitaire projecten. Na de Tweede Wereldoorlog leidde hij twee commissies — bekend als de Hoover Commission — die de organisatie van de uitvoerende tak van de Amerikaanse overheid onderzochten en voorstellen deden voor efficiënter bestuur (de eerste commissie werkte in 1947–49, de tweede in 1953–55). Hij schreef bovendien meerdere boeken en bleef een belangrijke stem in beleidsdiscussies.

Nalatenschap

Hoover blijft een omstreden figuur. Tegenstanders herinneren zich vooral zijn aanpak van de beginjaren van de Grote Depressie en de beleidskeuzes die volgens critici de crisis verscherpten. Voorstanders wijzen op zijn eerdere humanitaire prestaties, zijn bijdrage aan modernisering in de jaren 1920 en zijn latere inspanningen om de federale overheid efficiënter te maken. Historici beoordelen zijn presidentschap tegenwoordig vaak genuanceerder: zijn early-career prestaties en latere publieke dienst contrasteren sterk met de moeilijkheden en beleidsfouten uit de jaren 1929–1933.

Belangrijke data:

  • Geboren: 10 augustus 1874
  • President: 1929–1933
  • Overleden: 20 oktober 1964