Millard Fillmore (7 januari 1800 - 8 maart 1874) was de 13e president van de Verenigde Staten. Hij was president van 1850 tot 1853. Hij was de laatste Whig-president en de laatste president die geen Democraat of Republikein was.
Vroege leven en loopbaan
Fillmore werd geboren in een eenvoudige boerenfamilie in de staat New York en had weinig formele scholing in zijn jeugd. Door zelfstudie en onderricht als leerling bij een advocaat werkte hij zich op tot jurist. Hij vestigde zich als advocaat en begon een politieke loopbaan in de staat New York, waar hij verschillende lokale en deelstaatfuncties vervulde voordat hij op nationaal niveau actief werd.
Nationale politiek en vice-presidentschap
Tijdens zijn politieke carrière sloot Fillmore zich aan bij de Whig-partij. Hij diende in het Huis van Afgevaardigden en bekleedde later het ambt van vice-president onder president Zachary Taylor. Toen Taylor in 1850 overleed, volgde Fillmore hem op als president.
Het presidentschap (1850–1853)
Als president speelde Fillmore een belangrijke rol bij de totstandkoming en uitvoering van de Compromis van 1850, een serie wetten die waren bedoeld om spanningen tussen noordelijke en zuidelijke staten over slavernij te verminderen. Een van de meest omstreden onderdelen die Fillmore ondertekende en liet handhaven was de strengere Fugitive Slave Act, die vrije Afro-Amerikanen en gevluchte slaven in het noorden kwetsbaar maakte voor uitlevering aan slavenhouders. Deze wet beschadigde zijn reputatie in veel noordelijke kringen en droeg bij aan de verzwakking van de Whig-partij.
Tegelijkertijd kende zijn regering ook andere belangrijke stappen: Californië trad toe tot de Unie als vrije staat, en er werden tijdelijke maatregelen genomen om institutionele stabiliteit te behouden. Op het terrein van buitenlands beleid zette Fillmore de koers voort om de Amerikaanse belangen in de Stille Oceaan en Azië uit te breiden; zijn administratie gaf onder meer opdrachten die leidden tot de latere zending van Commodore Matthew Perry naar Japan, een gebeurtenis die uiteindelijk de deur opende naar handel met dat land.
Na het presidentschap en latere jaren
De Whig-partij koos Fillmore niet als kandidaat voor de presidentsverkiezingen van 1852. In 1856 stelde hij zich kandidaat namens de American Party (ook wel de “Know Nothing”-beweging genoemd), maar hij behaalde slechts een beperkte steun en verloor de verkiezing. In de jaren daarna bleef hij politiek actief maar minder invloedrijk, terwijl het Amerikaanse partijstelsel ingrijpend veranderde en de Republikeinse partij opkwam.
Persoonlijk leven en nalatenschap
Fillmore trouwde en had een gezin; zijn echtgenote Abigail Fillmore speelde tijdens zijn presidentschap een zichtbare rol in het leven aan het hof en zette zich in voor cultuur en onderwijs (onder meer door het opzetten van een bibliotheek in het Witte Huis). Fillmore overleed in 1874 in Buffalo, New York.
De beoordeling van Fillmore is gemengd. Historici wijzen vaak op zijn organisatorische bekwaamheid en zijn pogingen om de Unie te bewaren, maar bekritiseren vooral zijn rol bij de toepassing van de Fugitive Slave Act en de politieke gevolgen daarvan. Als laatste Whig-president vormt zijn ambtstermijn een belangrijk markeerpunt in de overgangsperiode van het Amerikaanse politieke landschap in de jaren 1850.