Al Anbar (Arabisch: الأنبار; al-'Anbār of Anbar) is een westelijke regio van Irak. Het is qua oppervlakte de grootste provincie van Irak en grenst aan Syrië, Jordanië en Saudi-Arabië. Al Anbar is overwegend islamitisch soennitisch Arabisch. De hoofdstad is Ar Ramadi.
De naam van de provincie komt van het Arabische انبار, 'Anbār, en betekent "graanschuren", aangezien deze regio de voornaamste entrepot was aan de westelijke grenzen van het Lakhmidische Koninkrijk. De beroemde soennitische theoloog Abu Hanifa an-Nu'man, die Hanafi ontwikkelde, een van de soennitische Madh'habs (scholen van denken), wordt met deze regio in verband gebracht.
Vóór 1976 stond de provincie bekend als Ramadi; vóór 1962 was zij bekend als Dulaim.
Ligging en geografie
Al Anbar beslaat een uitgestrekt woestijngebied in het westen van Irak en is qua oppervlakte de grootste provincie van het land. De rivier de Eufraat (al-Furat) loopt door delen van de provincie en vormt een belangrijke levensader voor landbouw en nederzettingen langs de oever. Grote delen van het gebied zijn droog en semi‑woestijnachtig, met zandvlaktes, steppe en geïsoleerde bergachtige gebieden in het zuidwesten nabij de grens met Saudi‑Arabië.
Belangrijke steden en bestuur
De provincie is administratief ingedeeld in meerdere districten; de belangrijkste steden zijn onder meer:
- Ar Ramadi (de provinciehoofdstad)
- Al‑Fallujah (vaak kortweg Fallujah genoemd)
- Hīt (Heet)
- Haditha (bij de Haditha-dam)
- Al‑Qa'im (grensstad nabij Syrië)
- Rawa en Anah (kleinere plaatsen aan de Eufraat)
- Rutba (strategisch gelegen in het zuidwesten, aan de route naar Jordanië)
Bevolking en samenleving
Al Anbar is overwegend Arabisch en soennitisch islamitisch van samenstelling. De provincie heeft een sterke tribale structuur; grote stammen zoals de Dulaim (Dulaym) spelen een belangrijke rol in lokale politiek en sociale organisatie. Naast de meerderheid van Arabische soennieten zijn er in sommige plaatsen kleinere gemeenschappen van andere etnische of religieuze achtergrond geweest, maar die zijn in de afgelopen decennia door migratie en conflict vaak sterk afgenomen.
De bevolkingsaantallen zijn door de jaren heen sterk variabel geweest door ontheemding tijdens conflicten. Vooroorlogse en recente schattingen noemen getallen van ongeveer 1,5–2 miljoen inwoners, maar exacte cijfers hangen af van terugkeer en herstel na jaren van gevechten en evacuaties.
Klimaat en milieu
Het klimaat in Al Anbar is overwegend woestijnachtig: hete, droge zomers met temperaturen die vaak zeer hoog oplopen, en milde tot koele winters met weinig neerslag. Langs de Eufraat zijn vruchtbare stroken waar irrigatie landbouw mogelijk maakt; buiten deze stroken domineert schaars begroeide woestijn en steppe. Watervoorziening en verdroging zijn belangrijke milieukwesties, evenals bodemerosie en schade door militaire activiteiten.
Economische activiteiten
De economie van Al Anbar is traditioneel gebaseerd op:
- landbouw langs de Eufraat (onder meer graan, dadels en irrigatiegewassen),
- veeteelt en nomadische/halfnomadische vormen van landbouw buiten de rivieroevers,
- grenshandel en de strategische ligging bij internationale doorgangen naar Syrië, Jordanië en Saudi‑Arabië.
In vergelijking met olierijke provincies in het zuiden heeft Al Anbar minder grote olie‑infrastructuur, al zijn er lokaal wel energie- en transportfaciliteiten. De economie werd ernstig geschaad door jaren van conflict en de daaropvolgende vernietiging van infrastructuur; wederopbouw en herstel van basisdiensten blijven aandachtspunten.
Geschiedenis en moderne ontwikkelingen
Al Anbar heeft een lange geschiedenis met oude nederzettingen langs de Eufraat. De naam en de positie van de regio verwijzen naar het belang als handels- en opslagplaats (graanschuren) in klassieke en vroegislamitische tijden, en de regio stond door de eeuwen heen onder invloed van verschillende rijken, waaronder lokale Arabische koninkrijken, het Arabische Kalifaat, het Ottomaanse rijk en later het moderne Irak.
In de 20e en 21e eeuw speelde Al Anbar een belangrijke rol in de politiek en veiligheid van Irak. De provincie was een bolwerk van soennitisch Arabisch verzet tijdens en na de invasie van 2003, met zware gevechten in steden als Fallujah en Ramadi. Later leidde de opkomst van de Islamitische Staat (IS/ISIS) in 2014 tot grootschalige verovering van gebieden in Al Anbar; veel steden en dorpen kwamen onder controle van IS en aanzienlijke delen van de bevolking werden ontheemd.
Tussen 2015 en 2017 voerden Iraakse regeringsstrijdkrachten, vaak gesteund door lokale stammoeders en internationale partners, offensieven uit om de provincie te herstellen en IS te verdrijven. Hoewel veel gebieden militair werden bevrijd, bleef de regio kampen met ernstige humanitaire, veiligheids- en wederopbouwproblemen: huizen, openbaar vervoer, water- en elektriciteitsnetten en landbouwland hebben veel schade opgelopen.
Veiligheid en wederopbouw
Na de militaire bevrijding in de late jaren 2010 zijn inspanningen gericht op veiligheid, terugkeer van ontheemden en herstel van diensten. Lokale stammen en veiligheidsorganisaties spelen een cruciale rol bij het handhaven van rust en het ondersteunen van herstel. Internationale en nationale hulporganisaties zijn betrokken bij humanitaire hulp en infrastructuurprojecten, maar uitdagingen blijven groot: mijnen en niet-ontplofte oorlogsresten, werkloosheid, en politieke spanningen vertragen het herstel.
Cultuur en erfgoed
De cultuur van Al Anbar is sterk tribaal en Arabisch van aard, met traditionele klederdracht, muziek en sociale gebruiken die typisch zijn voor de woestijn- en riviernederzettingen. Langs de Eufraat liggen archeologische vindplaatsen en historische locaties die wijzen op het lange culturele verleden van de regio; veel ervan zijn echter beschadigd of moeilijk toegankelijk geworden door conflict en verwaarlozing.
Toekomstperspectieven
De toekomst van Al Anbar hangt af van duurzame veiligheid, effectieve wederopbouw en economische ontwikkeling die banen creëert en basisdiensten herstelt. Verbeterde grenscontroles en samenwerking met omringende landen kunnen de handel en stabiliteit bevorderen. Tegelijk zullen inspanningen nodig blijven om maatschappelijke verzoening te bevorderen en de lokale bestuurstructuren te versterken, zodat bewoners zelf weer perspectief krijgen op wonen en werken in hun regio.
Opmerking: door jaren van conflict zijn veel gegevens over demografie en economie in beweging; exacte cijfers en omstandigheden kunnen veranderen naarmate terugkeer, herstel en nieuwe tellingen plaatsvinden.