Een chemische cel zet chemische energie om in elektrische energie. De meeste batterijen zijn chemische cellen. In de batterij vindt een chemische reactie plaats waardoor elektrische stroom gaat lopen.

Er zijn twee hoofdtypen batterijen: oplaadbare en niet-oplaadbare.

Een batterij die niet oplaadbaar is, geeft elektriciteit tot de chemicaliën erin opgebruikt zijn. Dan is hij niet meer bruikbaar. Het kan met recht "gebruiken en weggooien" worden genoemd.

Een oplaadbare batterij kan worden opgeladen door elektrische stroom achterwaarts door de batterij te leiden; de batterij kan dan opnieuw worden gebruikt om meer elektriciteit te produceren. Het was Gaston Plante, een Franse wetenschapper, die deze oplaadbare batterijen in 1859 uitvond.

Batterijen zijn er in vele soorten en maten, van zeer kleine die welke in speelgoed en camera's worden gebruikt, tot die welke in auto's of zelfs grotere worden gebruikt. Onderzeeërs hebben zeer grote batterijen nodig.