Khan betekent "heerser" of "commandant".
Het kan van een Altaïsche taal zijn, waarschijnlijk een Mongoolse taal zoals Ruanruan.
Momenteel bestaan er vooral khans in Zuid-Azië, Centraal-Azië en Iran.
Een vrouwelijke khan wordt een Khatun of Khanum genoemd.
Khagan betekent "Khan der Khans", maar wordt vaak (ten onrechte) "afgekort" tot Khan. Dit is vergelijkbaar met hoe de Perzische Shahanshah, 'Koning der Koningen', gewoonlijk gewoon de Shah wordt genoemd. Genghis werd ook wel de 'Grote Khan' genoemd, zoals de Ottomaanse Padisjah de 'Grote Sultan' werd genoemd.
Khans heersen over Khanaten. Khagans heersen over Khaganaten.

