Mauritius, een eiland van vulkanische oorsprong dat wordt beschut door barrières van koraalriffen die natuurlijke, veilige, kristalheldere lagunes vormen, is al lang een droombestemming. Het eiland was al in de 10e eeuw bekend bij de Arabieren, maar werd in de 16e eeuw officieel door de Portugezen verkend en vervolgens in de 17e eeuw door de Nederlanders bewoond. Het waren de Nederlanders die het eiland de naam gaven van Prins Maurits van NASSAU. Mauritius werd achtereenvolgens bezet door de Nederlanders (1598-1712) en later door de Fransen (1715-1810). De Fransen namen in 1715 de macht over en ontwikkelden het eiland tot een belangrijke marinebasis die toezicht hield op de handel in de Indische Oceaan, en vestigden een plantage-economie van suikerriet. De Britten veroverden het eiland in 1810, tijdens de Napoleontische oorlogen door het Verdrag van Parijs. Mauritius bleef een strategisch belangrijke Britse marinebasis en later ook een luchtmachtbasis, die tijdens de Tweede Wereldoorlog een belangrijke rol speelde bij operaties tegen onderzeeboten en konvooien, en bij het verzamelen van inlichtingen. Op 12 maart 1968 werd Mauritius onafhankelijk.