Speekselklierkanker — definitie, typen, symptomen en behandeling
Speekselklierkanker: duidelijke uitleg van definitie, typen, herkenbare symptomen en moderne behandelingen — essentiële informatie en advies voor patiënten en naasten.
Speekselklierkanker is een vorm van kanker die zich in weefsels van een speekselklier vormt. De speekselklieren kunnen major en minor worden genoemd. De grote speekselklieren bestaan uit de oorspeekselklieren, de submandibulaire klieren en de sublinguale klieren. Tot de kleine klieren behoren kleine slijmafscheidende klieren die zich in het gehemelte, de neus en de mondholte bevinden. Speekselklierkanker is zeldzaam: 2% van de hoofd- en halstumoren ontstaat in de speekselklieren, de meerderheid in de oorspeekselklier.
Wat zijn major en minor speekselklieren?
De major speekselklieren zijn drie paar grote klieren: de oorspeekselklier (parotis), de onderkaakklier (submandibulair) en de ondertongklier (sublinguaal). De minor speekselklieren zijn honderden kleine kliertjes verspreid in het slijmvlies van de mond, neus en keel. Tumoren kunnen in zowel de grote als de kleine klieren ontstaan; tumoren in de parotis (oorspeekselklier) komen het vaakst voor.
Typen speekselklierkanker
Er bestaan meerdere histologische typen. Enkele veelvoorkomende vormen zijn:
- Muco-epidermoïd carcinoom – kan variëren van laag- tot hooggradig.
- Adenoid cystisch carcinoom – bekend om perineurale invasie (groei langs zenuwen) en langdurige, vertraagde verspreiding.
- Acinair carcinoom – vaak relatief gunstige prognose bij laaggradige vormen.
- Carcinoma ex pleomorphic adenoma – kwaadaardige transformatie van een eerder goedaardige pleomorfe adenoom.
- Andere adenocarcinomen en zeldzamere subtypes.
Symptomen
Vroege signalen kunnen subtiel zijn. Belangrijke klachten waarop gelet moet worden:
- Een vaste zwelling of knobbel ter hoogte van de kaak of voor/onder het oor die niet weggaat
- Pijn of gevoeligheid in het gebied van de klier
- Aanwezige zwelling met huidverandering of ulcus
- Gezichtsspierverslapping of gezichtsverlamming (indicatie van betrokkenheid van de aangezichtszenuw)
- Problemen met slikken, spreken of ademen bij grotere tumoren
- Klachten in mond, neus of gehemelte bij tumoren van de kleine kliertjes
Elke nieuwe, aanhoudende knobbel in de hals of rond het oor verdient medische beoordeling.
Diagnose en onderzoek
De diagnose bestaat uit een combinatie van lichamelijk onderzoek, beeldvorming en weefselonderzoek:
- Klinsiche inspectie en palpatie van de hals en het oorgebied.
- Beeldvorming: echo (voor punctie), MRI (voor lokale uitbreiding en zenuwbaaninvasie), CT (botinvasie, lymfeklieren) en soms PET-CT (voor uitzaaiingen).
- Bioptisch onderzoek: fijnnaaldaspiratie (FNAC) of corebiopsie om cellulaire diagnose te stellen; definitieve diagnose en gradatie via weefselonderzoek na verwijdering.
- Eventueel aanvullende onderzoeken voor stagering, zoals longfoto/CT om uitzaaiingen uit te sluiten.
Behandeling
Behandeling hangt af van tumorsoort, grootte, locatie, mate van lokale uitbreiding en aanwezigheid van uitzaaiingen. Mogelijke opties:
- Chirurgie: de belangrijkste behandeling voor veel speekselklierkankers. Voor parotistumoren wordt vaak een superficial of total parotidectomy uitgevoerd met behoud van de aangezichtszenuw indien mogelijk. Bij betrokken lymfeklieren kan een halsklierdissectie nodig zijn.
- Postoperatieve radiotherapie: wordt vaak toegevoegd bij hoge gradatie tumoren, positieve snijvlakken, perineurale invasie of lymfekliermetastasen om lokaal recidief te verminderen.
- Radiotherapie als primaire behandeling: in sommige gevallen waar chirurgie niet mogelijk of te belastend is.
- Chemotherapie: heeft beperkte effectiviteit als standaardtherapie; kan worden ingezet bij uitgezaaide ziekte of palliatief. Voor bepaalde subtypen of in klinische studies worden gerichte therapieën of immunotherapie onderzocht.
- Functiereconstructie en revalidatie: bij betrokkenheid van de aangezichtszenuw kan reconstructieve chirurgie, fysiotherapie en logopedie nodig zijn om functie en uiterlijk te verbeteren.
Prognose
De prognose hangt sterk af van:
- Histologisch subtype en graad (laaggradige tumoren hebben doorgaans betere overleving dan hooggradige)
- Stadium bij diagnose: grootte van de tumor en aanwezigheid van regionale of afstandsmetastasen
- Radicale resectie (schone snijranden) en afwezigheid van perineurale of vasculaire invasie
Veel laaggradige tumoren hebben een gunstige prognose na adequate behandeling, terwijl hooggradige en bepaalde subtypes (zoals sommige adenocarcinomen of carcinomen met uitzaaiingen) een slechtere prognose kunnen hebben. Het verloop kan bij sommige typen traag en langdurig zijn; daarom is langdurige follow-up belangrijk.
Opvolging en nazorg
- Regelmatige controles bij de behandelend specialist (KNO-arts, kaakchirurg of oncoloog) de eerste jaren vaker, daarna minder vaak maar vaak nog jaren vervolgd.
- Beeldvorming afhankelijk van risico op recidief of klachten.
- Behandeling van late effecten van therapie: droge mond (xerostomie), gehoorverstoring (bij parotis-gebied), problemen met kauwen/slikken en cosmetische/ functionele gevolgen.
Risicofactoren en preventie
Er zijn weinig concrete preventieve maatregelen voor speekselklierkanker. Bekende risicofactoren zijn onder meer eerdere bestraling van het hoofd-halsgebied en bepaalde zeldzamere blootstellingen. Het vermijden van onnodige blootstelling aan straling en het vroegtijdig beoordelen van aanhoudende zwellingen kan helpen bij tijdige ontdekking.
Wanneer contact opnemen met de huisarts?
- Bij een aanhoudende knobbel of zwelling in de hals of rond het oor die langer dan enkele weken aanwezig blijft
- Bij plotselinge of progressieve gezichtsverlamming of gevoelsverlies in het gezicht
- Bij onverklaarbare pijn, slik- of spraakproblemen die niet verbeteren
Vroege beoordeling kan leiden tot tijdige diagnose en behandeling. Bij verdenking verwijst de huisarts meestal door naar een KNO-arts of een hoofd-hals oncologisch centrum.
Opmerking: deze tekst geeft een overzicht en vervangt geen medisch advies. Bij klachten of verdenking op speekselklierkanker is persoonlijk onderzoek en consult bij een specialist noodzakelijk.
Zoek in de encyclopedie