De speekselklieren maken speeksel. Speeksel houdt de mond en andere delen van het spijsverteringsstelsel nat en glibberig. Het helpt ook bij het afbreken van het voedsel wanneer u kauwt. Dit helpt het voedsel door de keel naar de maag te gaan.

Er zijn drie hoofdparen speekselklieren. Zij zijn

  1. de parotis,
  2. de submandibulaire en
  3. de sublinguale klieren.

Er zijn ook veel kleine klieren in de tong, wangen, lippen en gehemelte. Al deze klieren maken slijm aan.