Elmet (Oud Engels: Elfed) was een onafhankelijk Brittonisch koninkrijk dat ongeveer het gebied besloeg dat later de West Riding of Yorkshire werd. Elmet wordt in de vroege Middeleeuwen genoemd, in bronnen vanaf de 5e eeuw tot de vroege 7e eeuw in de periode waarin Angelsaksische vorstendommen in Noord- en Midden-Engeland ontstonden. Als buurman lag in het oosten het Anglische koninkrijk Deira, in het zuiden het Mercia; naar het westen liep het gebied over in de heuvels en moorlanden die uiteindelijk richting de Ierse Zee voeren, maar Elmet zelf reikte niet tot de kust. Elmet wordt vaak genoemd als het laatste overgebleven Britse koninkrijk in dit deel van Engeland tijdens de vroege Angelsaksische periode.
De precieze grenzen van Elmet zijn onzeker en onderwerp van historisch debat. Hedendaagse schattingen plaatsen het koninkrijk grofweg in het gebied rond het huidige Leeds, Wakefield, Castleford en Pontefract, met invloed over zowel laaglanden als de aanliggende heuvellanden. Omdat schriftelijke bronnen schaars zijn, baseren historici hun inzichten op plaatsnaamonderzoek, archeologie en spaarzame middeleeuwse vermeldingen.
Politiek en macht waren betrekkelijk kleinschalig vergeleken met de grote Angelsaksische koninkrijken. De bekendste heerser van Elmet die in middeleeuwse bronnen voorkomt is koning Ceretic (ook geschreven als Ceredig). Volgens de Engelse kerkelijke historicus Bede werd Ceretic rond 616–617 door Edwin van Deira verslagen en verdreven; na die gebeurtenis raakte Elmet geleidelijk op in de uitbreiding van Anglische heerschappij en werd het gebied opgenomen in Deira en later in Northumbria en Mercia.
Cultureel was Elmet Brittonisch van karakter: de bevolking sprak een Brittonische (Keltische) taal en hield traditioneel gebruik en bestuur. Er zijn aanwijzingen voor continuïteit van bewoning na de Romeinse tijd en voor lokale elites die zich onderscheiden van de nieuwkomende Anglische gemeenschappen. Ook is er bewijs van vroege christelijke aanwezigheid in de regio, mogelijk met banden met de Keltische christendomstraditie.
Archeologisch onderzoek levert sporen op van nederzettingen, begraafplaatsen en versterkingen uit de post-Romeinse en vroege middeleeuwse periode, maar veel locaties zijn nog niet volledig opgegraven of in context geplaatst. Plaatsnamen met het element Elmet en lokale toponymie hebben bijgedragen aan reconstructies van het vroegere koninkrijk.
De erfenis van Elmet leeft voort in regionale geschiedenis en culturele identiteit. Hoewel het politieke zelfstandig bestaan van Elmet al vroeg eindigde, blijft het koninkrijk een belangrijk voorbeeld van de breuk en de overdracht tussen de Romano-Britse wereld en de Angelsaksische koninkrijken die daarna het noorden van Engeland domineerden.

