Geconserveerde sequenties zijn gelijksoortige of identieke sequenties die voorkomen in DNA, en sequenties veroorzaken in RNA, eiwitten en koolhydraten.

Deze sequenties komen in alle soorten voor. Dit toont aan dat de sequenties in de evolutie behouden zijn gebleven, ondanks de soortvorming. Hoe verder terug in de fylogenetischeboom een bepaalde geconserveerde sequentie voorkomt, hoe meer deze geconserveerd is. Aangezien sequentie-informatie normaliter via genen van de ouders op de nakomelingen wordt overgedragen, impliceert een geconserveerde sequentie dat er een geconserveerd gen is.

Er is sprake van instandhouding van een sequentie wanneer mutaties in een sterk geconserveerde regio leiden tot niet-levensvatbare levensvormen, d.w.z. een vorm die door natuurlijke selectie wordt geëlimineerd. Met andere woorden, het product van het gen is van vitaal belang voor het leven, en de functie ervan wordt vernietigd door bijna alle veranderingen (mutaties) in de sequentie.