Artabanus IV van Parthië regeerde over het Parthische Rijk (ca. 216 - 224). Hij was de jongere zoon van Vologases V die in 209 overleed. Artabanus kwam in opstand tegen zijn broer Vologases VI, en kreeg spoedig de overhand, hoewel Vologases VI zich tot ongeveer 228 in een deel van Babylonië handhaafde.
De Romeinse keizer Caracalla, die van deze burgeroorlog gebruik wilde maken voor een verovering van het Oosten, viel de Parthen in 216 aan. Hij stak de Tigris over en verwoestte de steden, maar toen Artabanus aan het hoofd van een leger oprukte, trok hij zich terug in Carrhae. Daar werd hij op 8 april 217 door Martialis vermoord. Caracalla's opvolger, de Praetoriaanse Prefect van de Garde Macrinus, werd bij Nisibis verslagen en in een vrede met Artabanus deed hij afstand van alle Romeinse veroveringen en betaalde hij een zware bijdrage aan de Parthen.
Omstreeks deze tijd was de Perzische grootkoning Ardashir reeds begonnen met zijn veroveringen in Perzië. Toen Artabanus hem trachtte te onderwerpen, werden zijn troepen verslagen. De oorlog duurde verscheidene jaren; ten slotte werd Artabanus zelf in 226 gedood. Zo kwam er een einde aan de 400-jarige heerschappij van de Arsacidische dynastie.