Het Schotse hooglandrund (Schots-Gaelisch: Bò Ghàidhealach; Schots: Heilan coo) is een Schots runderras. Ze hebben lange hoorns en een lange, golvende, wollige vacht. Het lange vette dekhaar bedekt een donzige ondervacht. Daardoor zijn ze goed aangepast aan de omstandigheden in de Hooglanden, waar het jaarlijks veel regent en het soms hard waait.

Highlands worden in de eerste plaats voor hun vlees gefokt. Ze zijn afkomstig uit de Schotse Hooglanden en de Buiten-Hebriden. Ze werden voor het eerst vermeld in de 6e eeuw na Christus. Sindsdien worden ze wereldwijd geëxporteerd.

Het is een winterhard ras. Door hun lange vacht kunnen ze in de valleien overwinteren. Stieren kunnen tot 800 kilo wegen en koeien tot 500 kilo. Hun melk heeft over het algemeen een hoog botervetgehalte. Hun vlees, dat van de hoogste kwaliteit is, heeft een lager cholesterolgehalte dan andere rundersoorten.