Lise Meitner (7 november 1878, Wenen - 27 oktober 1968, Cambridge) was een Oostenrijks-Zweedse natuurkundige. Zij speelde een zeer grote rol bij de ontdekking van kernsplijting. Zij promoveerde in 1906 in de natuurkunde aan de Universiteit van Wenen. Haar werk met twee andere wetenschappers beïnvloedde de ontdekking en totstandkoming van de atoombom.
Meitner was van Joodse afkomst en bekeerde zich tot het Lutheranisme.
Vanaf 1907 werkte Meitner samen met Otto Hahn. Ze werkte haar hele carrière samen met Hahn. Samen voltooiden zij veel werk in de chemie. Hahn won de Nobelprijs voor Scheikunde, hoewel hij samen met haar had gewerkt. De reden dat zij de prijs niet won, was dat zij een vrouw was. Wel woonde ze de ceremonie bij.
In 1914 meldde Meitner zich aan als röntgentechnicus in het Oostenrijkse leger tijdens de Eerste Wereldoorlog. Meitner was ook de eerste vrouwelijke hoogleraar in Duitsland. In 1917 werd ze Duits hoogleraar. In de jaren 1920 werkte Meitner vooral aan straling. Ze won vele prijzen en onderscheidingen. Rond 1935 werkten Meitner en Hahn samen om meer te weten te komen over uranium. Het element Meitnerium is naar haar vernoemd. Later in Meitners leven deed zij vele ontdekkingen die leidden tot de totstandkoming van de atoombom. Ze werkte mee aan het mogelijk maken van de atoombom die op Hiroshima werd gegooid, maar ze was het niet eens met de atoombom.
,_lecturing_at_Catholic_University,_Washington,_D.C.,_1946.jpg)
