Spiraalstelsels uitgelegd: soorten, structuur en voorbeelden

Ontdek spiraalstelsels: soorten, structuur en opvallende voorbeelden. Lees over armen, balkstelsels, flocculente vormen en het centrale superzware zwarte gat.

Schrijver: Leandro Alegsa

Een spiraalvormig sterrenstelsel is een soort sterrenstelsel dat er uit ziet als een platte, traag draaiende schijf met een centrale uitstulping (de bulge). Zo'n stelsel bevat miljarden sterren, gas en stof, een halo van donkere materie en meestal een superzwaar zwart gat in het centrum. De schijf bevat de spiraalarmen, waar veel gas samenkomt en nieuwe sterren gevormd worden.

Gedurende lange tijd werden sterrenstelsels gezien als zogenaamde nevels. De indeling naar spiraalvormige en andere vormen werd systematisch beschreven door Edwin Hubble (o.a. in The Realm of the Nebulae, 1936). Tegenwoordig gebruiken astronomen classificaties die grotendeels op die indeling voortbouwen, waarbij de vorm belangrijke informatie geeft over structuur en evolutie.

Structuur van spiraalstelsels

Een typisch spiraalstelsel bestaat uit meerdere onderdelen:

  • Bulge (uitstulping): een ronde tot ovale concentratie van oudere sterren rond het centrum.
  • Schijf: platte, roterende laag met sterren, gas en stof; hier liggen de spiraalarmen.
  • Spiraalarmen: plekken in de schijf waar gas is samengedrukt en stervorming intensiever is; ze zijn vaak helderder door jonge, blauwe sterren en HII‑gebieden.
  • Balk (bar) (bij balkspiraalstelsels): een langwerpige structuur van sterren die van het centrum naar buiten loopt en de dynamica en gasstroom beïnvloedt.
  • Halo: een diffuse, sferische verdeling van oude sterren en bolvormige sterrenhopen, ingebed in een groot donkere-materie‑halo.

Soorten spiraalstelsels

Spiraalstelsels worden op verschillende manieren ingedeeld:

  • Balkspiraalstelsels (barred): hebben een duidelijke balk door het centrum; ongeveer twee derde van de nabijgelegen spiraalstelsels toont een balk.
  • Niet‑balkspiraalstelsels: geen duidelijke balk, spiraalarmen beginnen dicht bij de bulge.
  • Groot-arm (grand‑design): meestal twee goed gedefinieerde en continue armen (bijv. M51, de Whirlpoolgalaxie).
  • Meerarmig: meer dan twee armen die minder symmetrisch zijn.
  • Flocculent: onregelmatige, wollige en vluchtige armpatronen; armen zijn lokaal zichtbaar maar niet als lange continuïteitslijnen.

De klassieke Hubble‑classificatie gebruikt aanduidingen als Sa, Sb, Sc (en SBa, SBb, SBc voor balktypen) om de strakker of losser gewonden armen en de grootte van de bulge aan te geven.

Hoe ontstaan spiraalarmen?

Er bestaan twee belangrijke mechanismen die spiraalvorming kunnen verklaren:

  • Dichtheidsgolf‑theorie: spiraalarmpatronen zijn langlevende dichtheidsgolven die als vaste patronen door de schijf lopen. Gas en sterren bewegen door deze golven heen; het gas wordt samengedrukt in de armen, wat stervorming activeert.
  • Zelf‑propagerende stervorming en lokale instabiliteiten: in sommige stelsels ontstaan armachtige structuren door kortstondige, lokale processen zoals supernova‑gestuurde compressies; dit verklaart met name flocculente armen.

Interactie met andere sterrenstelsels (bijvoorbeeld een nabij passerende kleinere buur) kan ook duidelijke, vaak tijdelijke, spiraalvormen opwekken of versterken.

Observaties, rotatie en donkere materie

Waarnemingen van rotatiesnelheden in spiraalstelsels laten zien dat de snelheid ver van het centrum niet daalt zoals verwacht op basis van zichtbare materie: rotatiecurves blijven vaak vlak. Dit is een van de belangrijkste aanwijzingen voor een grote halo van donkere materie rondom spiraalstelsels die extra massa levert.

Belang van balken

Balken beïnvloeden de interne dynamica: ze kunnen gas naar het centrum transporteren, de vorming van sterren in het centrale gebied bevorderen en mogelijk de groei van het centrale superzware zwarte gat stimuleren. Daarom zijn balken belangrijk voor de evolutie van spiraalstelsels.

Waar komen spiraalstelsels voor?

Ongeveer 60% van de melkwegstelsels in ons nabije heelal bestaat uit spiraalstelsels en onregelmatige stelsels samen. Spiraalstelsels worden vaak aangetroffen in omgevingen met een lage ruimtelijke dichtheid (veldgalaxieën en kleine groepen) en zijn relatief zeldzaam in de dichte centra van grootschalige clusters van melkwegstelsels, waar interacties en gasverlies stelsels sneller transformeren tot elliptische of lenticulaire vormen.

Voorbeelden

  • De Melkweg — een balkspiraalstelsel met meerdere armen; diameter ~30 kpc.
  • Andromeda (M31) — een groot spiraalstelsel dat ons dichtstbijzijnde grote buurstelsel is.
  • M51 (Whirlpool) — een klassiek grand‑design spiraal, vaak gebruikt als voorbeeld van duidelijke spiraalarmen.
  • M33 (Driehoekstelsel) — een kleiner, onregelmatiger spiraalstelsel met prominente stervormingsregio's.

Samenvattend

Spiraalstelsels zijn dynamische, complexe systemen waarin rotatie, gasdynamica, stervorming en donkere materie samen de kenmerkende platte schijf met spiraalarmen vormen. Hun variatie in vorm (balken, arm‑structuur, bulge‑grootte) en hun locatie in het kosmische netwerk geven belangrijke aanwijzingen over hun ontstaan en evolutie.

Een voorbeeld van een spiraalstelsel, de Pinwheel Galaxy (ook bekend als Messier 101 of NGC 5457)Zoom
Een voorbeeld van een spiraalstelsel, de Pinwheel Galaxy (ook bekend als Messier 101 of NGC 5457)

Een balkspiraalstelselZoom
Een balkspiraalstelsel

Spiraal armen

Spiraalarmen zijn gebieden in spiraalstelsels. Zij bevatten vaak stof en sterrenhopen van jonge hete sterren. Ze strekken zich uit van het centrale uitpuilingsgebied van spiraalstelsels en balkspiraalstelsels. De jonge, hete sterren zijn de reden waarom de armen helderder zijn dan het centrum van het melkwegstelsel. Sommige spiraalstelsels hebben gele, 'fossiele' armen van oudere sterren.

Melkweg

In het begin van de 20e eeuw werd ontdekt dat onze eigen Melkweg een spiraalstelsel was. In de jaren 1990 werd ontdekt dat het een balkspiraalstelsel is. De balk is moeilijk te zien vanuit onze positie in de galactische schijf. [dode link] Het meest overtuigende bewijs voor zijn bestaan komt van een onderzoek, uitgevoerd door de Spitzer Space Telescope, van sterren in het Galactisch centrum. [dode link]

Vragen en antwoorden

V: Wat is een spiraalvormig sterrenstelsel?


Antwoord: Een spiraalstelsel is een sterrenstelsel met een platte, roterende schijf met een uitstulping in het centrum en spiraalvormige patronen die zich naar buiten uitstrekken vanuit de uitstulping.

V: Wat bevat een spiraalstelsel?


A: Een spiraalstelsel bevat sterren, gas, stof, donkere materie en een superzwaar zwart gat in het centrum.

V: Wat werd lang gedacht dat sterrenstelsels waren?


A: Men heeft lang gedacht dat sterrenstelsels nevels waren.

V: Wie beschreef de spiraalnevel voor het eerst als een type?


A: Edwin Hubble beschreef de spiraalnevel voor het eerst als een type in zijn werk The Realm of the Nebulae uit 1936.

V: Wat is een balkspiraalstelsel?


A: Een balkspiraalstelsel is een belangrijk en veel voorkomend type spiraalstelsel.

V: Wat zijn de drie andere soorten spiraalstelsels?


A: De drie andere soorten spiraalstelsels zijn grootontwerpspiraalstelsels, meerarmige spiraalstelsels en vlokspiraalstelsels.

V: Waar worden spiraalstelsels en onregelmatige stelsels het meest gevonden?


A: Spiraalstelsels en onregelmatige stelsels worden meestal gevonden in delen van het heelal met een lage dichtheid en zijn zeldzaam in de centra van clusters van melkwegstelsels.


Zoek in de encyclopedie
AlegsaOnline.com - 2020 / 2025 - License CC3