Bisschop: betekenis, functies en verschillen binnen christelijke kerken
Ontdek wat een bisschop is, zijn taken, rangverschillen en rol binnen katholieke, orthodoxe, anglicaanse en protestantse kerken.
Bisschop is de titel van een rang in de geestelijkheid van een christelijke kerk. Het bisdom dat door een bisschop wordt bestuurd, wordt een bisdom genoemd. Een bisschop kan de rang van aartsbisschop krijgen in een aartsbisdom. De bisschop heeft in veel kerken zowel een liturgische, pastorale als bestuurlijke rol: hij leidt erediensten, bevestigt en zendt voorgangers uit, verzorgt het kerkelijk bestuur en waakt over de leer en de eenheid binnen zijn gebied.
Functies en taken
De belangrijkste taken van een bisschop zijn onder meer:
- Leiding en bestuur — hij is hoofd van het bisdom, draagt verantwoordelijkheid voor parochies, instellingen en het pastoraat binnen dat gebied.
- Sacramentele taken — in veel tradities ontvangt de bisschop speciale bevoegdheden om dopen, het vormsel/confirmatie en de wijding van priesters en diakens uit te voeren.
- Onderwijs en leerbewaking — de bisschop ziet toe op de zuiverheid van de leer en geeft richtlijnen voor catechese en prediking.
- Pastorale zorg — hij ondersteunt geestelijken en gelovigen, bemiddelt bij conflicten en bevordert de eenheid binnen de kerkgemeenschap.
- Vertegenwoordiging — bisschoppen vertegenwoordigen de kerk naar buiten toe, zowel in ecumenische contacten als bij maatschappelijke instanties.
Wijze van benoeming en apostolisch ambt
Hoe iemand bisschop wordt, verschilt per kerk. In de katholieke kerk wordt een nieuwe bisschop benoemd door de paus of op diens aanwijzing, na advies van lokale kerkleiders en de nuntius. In sommige orthodoxe kerken gebeurt de keuze door een synode van bisschoppen. In anglicaanse en andere kerken kan benoeming of verkiezing via kerkelijke synodes, nationale procedures of staatsinterventies verlopen, afhankelijk van de plaatselijke regeling.
Een belangrijk begrip in veel bisschoppelijke kerken is de zogenaamde apostolische opvolging: bisschoppen worden door andere bisschoppen gewijd, waardoor een ononderbroken keten van wijdingen teruggevoerd wordt tot de apostelen. In de praktijk vereist de wijding van een bisschop in de rooms-katholieke en oosters-orthodoxe traditie meestal de medewerking van meerdere bestaande bisschoppen.
Verschillen tussen kerken
Niet alle christelijke kerken kennen de ambtelijke structuur met bisschoppen. Enkele voorbeelden:
- Rooms-katholieke kerk — alle bisschoppen staan uiteindelijk in verbinding met de paus. De paus zelf is tevens 'de bisschop van Rome' en regeert het onafhankelijke staatsbestel van het Vaticaan. Volgens de kerkelijke wet kan theoretisch iedere geschikte man paus worden, maar in de praktijk komt de paus doorgaans uit de rangen van bisschoppen en kardinalen; de laatste paus die geen bisschop was dateert uit 1378 (Urbanus VI).
- Oosters-orthodoxe kerken — bisschoppen worden meestal gekozen of benoemd door synodes binnen de autocefale kerken; patriarchen en andere hogere rangtitels bestaan ook en patriarchen leiden autonome kerken.
- Anglicaanse kerk — kent bisschoppen en aartsbisschoppen; bisschoppen hebben zowel liturgische als bestuurlijke taken en worden vaak gekozen of benoemd via procedures die per land verschillen.
- Presbyteriaanse kerken — zoals de kerk van Schotland, hebben geen bisschoppen; zij worden geleid door vergaderingen van ouderlingen. De kerk van Schotland kiest jaarlijks een moderator als ceremoniële voorzitter.
- Andere protestantse bewegingen — sommige (bijv. Methodisten, bepaalde Lutherse kerken) kennen wel bisschoppen; veel evangelische en vrijzinnige gemeenschappen hebben geen voorgeschreven bisschoppelijke hiërarchie. Quakers hebben bijvoorbeeld geen ordinaat ambt zoals bisschop of priester.
Typen bisschoppen en titels
Binnen kerken bestaan verschillende bestuurlijke titels en functies:
- Aartsbisschop — bisschop van een groot of belangrijk aartsbisdom of regionaal hoofd.
- Metropoliet of primate — hogere regionale leidinggevende in sommige tradities.
- Suffragaan en auxiliair — hulpbisschoppen zonder eigen diocesaans bestuur, die de diocesaansbisschop ondersteunen.
- Titularis — een bisschop met een historische of nominale titel, vaak werkzaam in Romeinse curie of als hulpbisschop.
- Kardinaal — in de katholieke kerk soms gecombineerd met het bisschopsambt; kardinalen kiezen de paus.
Uiterlijke kenmerken en symbolen
Meestal is een bisschop te herkennen aan speciale kleding en voorwerpen die zijn ambt symboliseren. Veel voorkomende symbolen zijn:
- hoed — de mijter genoemd, een karakteristiek hoofddeksel bij liturgische plechtigheden;
- staf (crozier) — symbool van herderschap;
- ring — teken van verbondenheid met de kerk;
- borstbeeld of pectorale kruis — als persoonlijk en ambtelijk herkenningsteken;
- stoel of zetel (cathedra) in de kathedraal — het liturgische en bestuurlijke zetel van een bisschop, waaruit de term 'kathedraal' voortkomt.
Leven en discipline
De eisen aan persoonlijke levenskeuze van bisschoppen verschillen per traditie. In de rooms-katholieke Latijnse ritus geldt meestal celibaat voor priesters en dus ook voor typisch benoemde bisschoppen; in de oosters-orthodoxe traditie mogen gehuwde mannen tot het priesterschap worden toegelaten maar worden bisschoppen doorgaans uit de gelederen van monniken gekozen, waardoor ook zij celibatair zijn. In anglicaanse en veel protestantse kerken kunnen bisschoppen vaak wel getrouwd zijn.
Korte historische aantekening
Het ambt van bisschop ontwikkelde zich al vroeg in de geschiedenis van de kerk, vanaf de apostolische tijd toen lokale gemeenschappen zich organiseerden en leiders nodig hadden voor sacramenteel en bestuurlijk werk. Door de eeuwen heen is het ambt uitgegroeid tot uiteenlopende vormen, aangepast aan culturele, theologische en politieke omstandigheden.
Samengevat is een bisschop in veel christelijke tradities een centrale figuur met zowel geestelijke als bestuurlijke taken. De precieze betekenis, wijze van benoeming, bevoegdheden en uiterlijke kenmerken kunnen sterk verschillen tussen kerken en historische perioden.
Katholieke bisschop van Yola Bisdom, Stephen Mamza, in Michika, Nigeria.

Een bisschopsmijter
Vragen en antwoorden
V: Wat is een bisschop?
A: Een bisschop is een soort geestelijke in sommige christelijke kerken. Zij zijn de leider van de christenen en christelijke priesters in elk bisdom, en zij hebben een bisschoppelijke troon in de hoofdkerk van het bisdom (kathedraal genoemd).
V: Zijn er bisschoppen in alle kerkgenootschappen?
A: Nee, sommige protestantse kerkgenootschappen hebben geen bisschoppen of aartsbisschoppen. Een voorbeeld is het presbyterianisme, dat een leider heeft die Moderator wordt genoemd en die elk jaar door de Algemene Vergadering wordt gekozen. Andere christelijke bewegingen zoals de Quakers hebben ook geen bisschoppen of priesters.
V: Hoe wordt iemand paus?
A: Volgens het kerkelijk recht kan elke mannelijke, ongehuwde, gedoopte christen die geschikt wordt geacht voor het ambt, paus worden. Sinds 1378 zijn echter alle pausen bisschoppen. De paus wordt ook wel "de bisschop van Rome" genoemd, en hij regeert een onafhankelijke staat binnen Rome, Vaticaanstad genaamd.
V: Wie regeert de bisschoppen in de Anglicaanse kerken?
A: Bisschoppen in Anglicaanse kerken worden bestuurd door aartsbisschoppen.
V: Aan welk kledingstuk is een bisschop te herkennen?
A: Een bisschop is meestal te herkennen aan zijn speciale hoed, een mijter genaamd.
V: Zijn alle rooms-katholieke bisschoppen verantwoording schuldig aan de paus?
A: Ja, alle rooms-katholieke bisschoppen vallen onder de paus of onder patriarchen in sommige orthodoxe kerken.
Zoek in de encyclopedie