Klinische psychologie is de studie in de psychologie van psychische stoornissen. Het gaat om het leren kennen, begrijpen, diagnosticeren, behandelen of voorkomen van dit soort aandoeningen. Klinisch psychologen onderzoeken het geestelijk functioneren van een persoon en gebruiken psychotherapie om de stoornis te behandelen. Psychotherapie maakt gebruik van praten in plaats van medische of lichamelijke behandelingen.
De eerste psychologische kliniek werd in 1896 geopend aan de Universiteit van Pennsylvania door Lightner Witmer. In de eerste helft van de 20e eeuw ging het in de klinische psychologie vooral om psychologische beoordeling, niet om behandeling. Na de Tweede Wereldoorlog was er een grote toename van het aantal opgeleide klinisch psychologen. Er zijn twee belangrijke opleidingsmodellen - het Ph.D. scientist-practitioner model dat kijkt naar onderzoek, en het Psy.D. practitioner-scholar model dat kijkt naar behandeling. Klinisch psychologen worden nu beschouwd als deskundigen op het gebied van psychotherapie.