Difterie — wat is het? Oorzaken, symptomen, behandeling & vaccinatie
Difterie: oorzaken, symptomen, behandeling en vaccinatie. Ontdek hoe je infectie voorkomt, klachten herkent en welke behandeling en bescherming beschikbaar is.
Difterie (uitgesproken als "diff-THEER-ee-uh") is een infectieziekte die wordt veroorzaakt door een bacterie genaamd Corynebacterium diphtheriae. Ze kan worden behandeld met speciale geneesmiddelen of met antibiotica. Er bestaat een vaccin dat difterie kan voorkomen.
Difterie kan ernstige problemen veroorzaken, zoals:
Oorzaken
Difterie wordt veroorzaakt door de bacterie Corynebacterium diphtheriae. Niet alle stammen produceren het toxine dat de ziekte zo gevaarlijk maakt; alleen stammen met het zogenoemde tox-gen maken het schadelijke difterietoxine aan. Het toxine veroorzaakt schade aan weefsels, vooral in de keel en luchtwegen, maar kan ook organen zoals het hart en de zenuwen aantasten.
Besmetting en incubatietijd
- Besmetting vindt meestal plaats via druppeltjes uit de lucht (hoesten, niezen) of door direct contact met neus- of keelvloeistof van een besmet persoon.
- De incubatietijd is meestal 2–5 dagen, maar kan tot ongeveer 10 dagen duren.
- Sommige mensen kunnen drager zijn van de bacterie zonder duidelijke klachten en zo anderen besmetten.
Symptomen
- Beginnende klachten lijken op een heftige keelontsteking: keelpijn, slikklachten en koorts.
- Kenmerkend is de vorming van een grijs-witte pseudomembraan in keel en neus die moeilijk loslaat en kan leiden tot ademhalingsproblemen.
- Heesheid, een dikke gezwollen nek (soms aangeduid als "bull neck"), ademhalingsmoeilijkheden en benauwdheid.
- Bij huiddifterie ontstaan pijnlijke, langzaam genezende zweren of zweren met grijs beslag.
- Bij ernstige ziekte kunnen algemene symptomen optreden zoals zwakte, moeite met ademhalen, en hartklachten.
Complicaties
Difterietoxine kan systemische schade veroorzaken. Mogelijke complicaties zijn:
- Myocarditis (ontsteking van de hartspier) met ritmestoornissen of hartfalen.
- Neurologische aandoeningen, zoals verlamming (bijv. verlamming van de ademhalingsspieren of verlamming van het gezicht), vaak enkele weken na de beginverschijnselen.
- Ernstige ademhalingsinsufficiëntie door ingroeien van het pseudomembraan of zwelling van de luchtwegen, soms met noodzaak tot intubatie of tracheostomie.
- Nierfunctiestoornissen en andere orgaanschade.
Diagnose
- De arts stelt de diagnose op basis van klachten en het typische beeld (pseudomembraan in de keel) en op verdenking van difterie.
- Laboratoriumonderzoek is belangrijk: kweek of PCR van keel- of wondmateriaal om C. diphtheriae aan te tonen en tests (zoals de Elek-test of toxigeniteits-PCR) om te bepalen of de gevonden stam toxine produceert.
- Bij ernstige ziekte aanvullend onderzoek: hartmonitoring, bloedonderzoek en neurologisch onderzoek.
Behandeling
- Antitoxine (difterie-antitoxine) is vaak levensreddend en moet zo snel mogelijk gegeven worden als difterie vermoed wordt, omdat antitoxine het al geproduceerde toxine neutraliseert maar niet het reeds aan cellen gebonden toxine geneest.
- Antibiotica (bijvoorbeeld penicilline of erytromycine) worden gebruikt om de bacterie uit het lichaam te verwijderen en verdere verspreiding te voorkomen.
- Isolatie om besmetting van anderen te voorkomen.
- Ondersteunende behandeling: zuurstof, vocht- en voedingsondersteuning, intubatie of tracheostomie indien de luchtweg bedreigd wordt, en cardiologische monitoring bij risico op myocarditis.
- Contactonderzoek en profylaxe voor nauwe contacten (meestal een kuur met antibiotica en controle van vaccinatiestatus).
Nazorg en opvolging
- Patiënten blijven vaak langere tijd onder controle vanwege risico op late complicaties, met name neurologische uitval en hartproblemen.
- Nadat de acute infectie is behandeld, moet de vaccinatiestatus gecontroleerd en vaak aangevuld worden; genezen van difterie geeft niet altijd betrouwbare levenslange immuniteit.
Preventie en vaccinatie
- Vaccinatie is de meest effectieve manier om difterie te voorkomen. In veel landen wordt het difterievaccin gegeven als gecombineerd vaccin met tetanus en pertussis (kinkhoest) in het Rijksvaccinatieprogramma.
- De gebruikelijke schema’s omvatten meerdere basisdoses in de kinderjaren en daaropvolgende boosters (in veel richtlijnen wordt een booster in de adolescentie en om de 10 jaar aanbevolen, afhankelijk van het landelijk beleid).
- Bij contacten van een bevestigd geval kan een extra vaccinatie (booster) worden aanbevolen indien de laatste vaccinatie lang geleden is.
- Andere maatregelen: goede hygiëne, snelle herkenning en behandeling van gevallen, en snelle opsporing en behandeling van contacten om verspreiding te voorkomen.
Bijwerkingen van het vaccin
Bijwerkingen zijn meestal mild en tijdelijk: pijn en roodheid op de injectieplaats, lichte koorts of prikkelbaarheid bij kinderen. Ernstige bijwerkingen zijn zeldzaam.
Prognose
Met snelle herkenning en behandeling is de kans op herstel veel beter. Zonder behandeling blijft difterie ernstig en kan de ziekte leiden tot overlijden; de sterfte ligt afhankelijk van leeftijd en ziektebeeld historisch gezien tussen enkele procenten tot ruim 10–20% bij onbehandelde ernstige gevallen. Kinderen en ongevaccineerden hebben doorgaans een hoger risico op ernstige uitkomst.
Wanneer medische hulp zoeken
- Zoek direct medische hulp bij: ernstige keelpijn met moeilijk slikken, heesheid, moeite met ademhalen, een zichtbare grijzige laag in de keel of bloedende plekken in de keel.
- Als u in contact bent geweest met iemand bij wie difterie is vastgesteld, neem dan contact op met de huisarts of de GGD voor advies over screening, profylaxe en eventuele vaccinatie.
Spreiding wereldwijd
Difterie komt tegenwoordig weinig voor in landen met hoge vaccinatiegraad. Uitbraken doen zich nog voor in gebieden met lage vaccinatiegraad, in conflictgebieden of bij grote verplaatsingen van bevolkingsgroepen. Daarom blijft voortgezette vaccinatie en surveillance belangrijk.
Belangrijk: Als difterie wordt vermoed, is snelle medische beoordeling en behandeling essentieel — vooral om antitoxine tijdig toe te dienen en ernstige complicaties te voorkomen.

Het gezwollen "stierennek" symptoom van difterie
Tekenen en symptomen
Tekenen en symptomen van difterie beginnen meestal twee tot vijf dagen nadat iemand besmet is geraakt. Ze kunnen bestaan uit:
- Een dik, grijs vlies dat de keel en de amandelen bedekt...
- Een zere keel en een schorre stem
- Gezwollen klieren (vergrote lymfeklieren) in de nek
- Problemen met ademen, of snel ademen
- Neusuitvloeiing
- Koorts en rillingen
- Malaise (zich erg moe voelen en geen energie hebben)
Bij sommige mensen veroorzaakt besmetting met difterie veroorzakende bacteriën slechts een milde ziekte. Deze mensen hebben geen duidelijke tekenen of symptomen. Besmette mensen die niet weten dat zij difterie hebben, worden dragers van difterie genoemd, omdat zij de infectie kunnen verspreiden zonder zelf ziek te zijn.
Cutane difterie
Een tweede type difterie kan de huid aantasten. Deze vorm van difterie wordt cutane difterie genoemd. Het veroorzaakt pijn, roodheid en zwelling op de huid, net als andere bacteriële huidinfecties. Mensen met cutane difterie kunnen zweren, bedekt met een grijs vlies, op hun huid krijgen.
Cutane difterie komt vaker voor in tropische klimaten. Cutane difterie komt echter ook voor in de Verenigde Staten, vooral bij mensen met een slechte hygiëne die in drukke omstandigheden leven.
Vragen en antwoorden
V: Wat is difterie?
A: Difterie is een infectieziekte die veroorzaakt wordt door een bacterie genaamd Corynebacterium diphtheriae.
V: Hoe kan difterie worden behandeld?
A: Difterie kan behandeld worden met speciale medicijnen of met antibiotica.
V: Is er een manier om difterie te voorkomen?
A: Ja, er bestaat een vaccin dat difterie kan voorkomen.
V: Wat voor problemen kan difterie veroorzaken?
A: Difterie kan ernstige problemen veroorzaken, zoals ademhalingsmoeilijkheden, hartfalen, verlamming en de dood.
V: Kan difterie van mens op mens worden overgedragen?
A: Ja, difterie kan van mens op mens worden overgedragen via ademhalingsdruppeltjes of door huid-op-huidcontact.
V: Wie loopt het risico om difterie te krijgen?
A: Iedereen die niet gevaccineerd is tegen difterie loopt het risico om de ziekte te krijgen.
V: Hoe wordt difterie vastgesteld?
A: De diagnose difterie wordt gesteld door een monster van het geïnfecteerde weefsel of een keelkweek te nemen en dit in het laboratorium te testen.
Zoek in de encyclopedie