Holozoa is een groep van levende wezens die dieren omvat, alsmede enkele eencellige verwanten van dieren. Schimmels vallen er niet onder. Holozoa is ook een oude naam voor het manteldierengeslacht Distaplia.
Wat betekent Holozoa precies?
Holozoa is een clade — dat wil zeggen een groep organismen die afstammen van een gemeenschappelijke voorouder. Een eenvoudige manier om Holozoa te omschrijven is: alle organismen die dichter verwant zijn aan dieren dan aan schimmels. Holozoa valt binnen de bredere groep Opisthokonta, waar ook de schimmels en hun verwanten bij horen.
Leden van de clade (voorbeelden)
- Dieren (Metazoa) — meercellige dieren zoals wij die kennen.
- Choanoflagellaten — eencellige of kolonievormende protisten; een goed bekend voorbeeld is de choanoflagellate. Sommige soorten, zoals Proterospongia, vormen kolonies en geven aanwijzingen over hoe sponzen en andere dieren multicellulair konden worden.
- Filasterea — eencellige amoeboïde verwanten (bijvoorbeeld Capsaspora), belangrijk in vergelijkende genoomstudies.
- Ichthyosporea (ook wel Mesomycetozoea genoemd) — meestal eencellig en vaak parasitair of symbiontisch.
- Andere verwante eencelligen die samen met bovenstaande groepen het nauwe evolutionaire verwantschap met dieren laten zien.
Kenmerken en bewijs
De leden van Holozoa vertonen geen eenduidige morfologische eigenschap die alle vormen deelt (omdat de groep zowel eencelligen als meercelligen bevat). Wel zijn er een aantal gedeelde kenmerken en bewijzen uit de moleculaire fylogenie:
- Veel holozoën behoren tot de Opisthokonta: een belangrijke erfelijke eigenschap is een enkele, achteraan geplaatste zweepstaart (posterior flagellum) in bewegende cellen van veel groepen.
- Moleculair bewijs uit DNA- en genoomvergelijkingen laat zien dat bepaalde genen die nodig zijn voor cel‑adhesie, signaaloverdracht en regulatie van ontwikkeling (bijvoorbeeld cadherines en tyrosinekinasen) al aanwezig waren in sommige eencellige holozoën. Dat suggereert dat de bouwstenen voor meercelligheid bestonden vóór de evolutie van echte dieren.
- De sterke overeenkomst tussen de choanoflagellaatcel en de choanocyten (kraagcellen) van sponzen ondersteunt het idee dat dieren uit choanoflagellaatachtige voorouders kunnen zijn ontstaan.
Evolutie en wetenschappelijk belang
Holozoa is belangrijk voor onderzoekers die de oorsprong van dieren en multicellulariteit bestuderen. Door genen en levenswijzen van de eencellige verwanten van dieren te vergelijken met die van moderne dieren, kunnen biologen reconstrueren welke veranderingen nodig waren om multicellulariteit en complexe weefsels te ontwikkelen. Omdat veel eencellige holozoën moeilijk te vinden of te kweken zijn en geen duidelijke fossielen nalaten, speelt moleculaire fylogenie een grote rol in ons begrip.
Korte samenvatting
Holozoa omvat dieren en hun nauwste eencellige verwanten, maar geen schimmels. De groep is van groot belang om te begrijpen hoe dieren en meercellig leven zijn ontstaan; moderne genoomstudies tonen aan dat cruciale genen voor celdifferentiatie en adhesie reeds aanwezig waren in eencellige voorouders.

