Amyotrofische laterale sclerose (ALS) is een vorm van motorische neuronziekte en wordt in het Engels ook vaak de ziekte van Lou Gehrig genoemd. Het is een chronische, progressieve en meestal dodelijke neurologische aandoening waarbij vooral de motorische zenuwcellen (neuronen) in het centrale zenuwstelsel langzaam afsterven. Daardoor verliezen mensen geleidelijk het vermogen om vrijwillige spieren aan te sturen: lopen, spreken, slikken en ademhalen worden steeds moeilijker.

Motorische neuronen zijn de zenuwcellen die boodschappen van de hersenen en het ruggenmerg naar de spieren sturen. Bij ALS sterven zowel de bovenste motorische neuronen (in de hersenen) als de onderste motorische neuronen (in het ruggenmerg en de hersenstam) af. Dit leidt tot spierzwakte, krampen, spierstijfheid en spierverlies (atrofie). De aandoening verergert meestal in de loop van maanden tot enkele jaren, en veroorzaakt toenemende invaliditeit en uiteindelijk de dood, vaak door ademhalingsfalen. Niet-bewegende functies zoals hartslag en spijsvertering blijven meestal intact omdat die autonoom worden gereguleerd.

ALS is de meest voorkomende vorm binnen de groep van motorische neuronziekten. Bij ongeveer 5–10% van de patiënten is er sprake van een erfelijke vorm; deze gevallen zijn geërfd van één of beide ouders. De overige 90–95% zijn sporadisch, zonder een duidelijk erfelijke oorzaak.

Oorzaken en risicofactoren

De precieze oorzaak van ALS is niet volledig bekend. Waarschijnlijk spelen meerdere factoren een rol, waaronder genetische veranderingen, ontregelde eiwitafbraak in cellen, oxidatieve stress en ontstekingsprocessen. Bekende genetische oorzaken omvatten mutaties in genen zoals SOD1, C9orf72 en anderen (genetische diagnostiek kan bij familiegeschiedenis worden overwogen).

Bekende risicofactoren zijn onder meer:

  • Leeftijd (meestal begin tussen 50–70 jaar)
  • Man zijn (licht verhoogd risico)
  • Familiaire voorgeschiedenis van ALS of soortgelijke ziekten
  • Externe factoren zoals zware fysieke belasting, bepaalde toxines of spierstress worden onderzocht maar geven geen duidelijke oorzaak

Veelvoorkomende symptomen

ALS kan op verschillende manieren beginnen (bijvoorbeeld met moeite bij lopen of met spreken). Symptomen treden doorgaans gradueel op en verslechteren met de tijd. Veel voorkomende klachten zijn:

  • Spierzwakte in armen of benen (valt vaker eerst één ledemaat op)
  • Slik- of spreekproblemen (dysfagie, dysartrie)
  • Spierkrampen en fasciculaties (spiertrekkingen)
  • Stijfheid en verhoogde spierreflexen (spasticiteit)
  • Afname van spiermassa (atrofie)
  • Ademhalingsproblemen bij ziektevorderingen

Sensorische functies zoals gevoel, en vaak ook de meeste autonome functies, blijven relatief gespaard. Veel patiënten behouden hun intelligentie en geheugen, maar bij een deel van de patiënten treden cognitieve en gedragsveranderingen op en soms ontwikkelt zich een frontotemporale dementie met veranderingen in persoonlijkheid en gedrag.

Diagnose

Er is geen enkele test die ALS definitief bewijst; de diagnose wordt gesteld op basis van het verhaal van de patiënt, lichamelijk en neurologisch onderzoek en aanvullende onderzoeken om andere oorzaken uit te sluiten. Gebruikelijke onderzoeken zijn:

  • Electromyografie (EMG) en zenuwgeleidingsonderzoeken om de functie van motorische zenuwen en spieren te beoordelen
  • Magnetische resonantiebeeldvorming (MRI) van hoofd en ruggenmerg om andere aandoeningen uit te sluiten
  • Bloedonderzoek en soms liquoronderzoek om metabole, infectieuze of inflammatoire oorzaken te onderzoeken
  • Genetisch onderzoek bij vermoeden van erfelijke vorm of familiegeschiedenis

Behandeling en zorg

Er bestaat momenteel geen genezing voor ALS, maar er zijn behandelingen die het ziekteverloop licht kunnen vertragen en vooral gericht zijn op het verbeteren van kwaliteit van leven en het behandelen van symptomen. Belangrijke onderdelen van zorg:

  • Medicatie: riluzol is aangetoond de overleving iets te verlengen; in sommige landen is ook edaravone beschikbaar voor een subset van patiënten
  • Multidisciplinaire zorg: samenwerking tussen neurolog, longarts, revalidatiearts, diëtist, logopedist, fysiotherapeut en ergotherapeut verbetert functie en kwaliteit van leven
  • Logopedie en sliktraining; bij ernstige slikproblemen kan een voedingssonde (gastrostomie) nodig zijn
  • Ademhalingsondersteuning: niet-invasieve ventilatie (NIV) kan de levenskwaliteit en de overleving verbeteren
  • Spier- en pijnbestrijding, spasticiteitsbeheer (medicatie, fysiotherapie)
  • Palliatieve zorg en begeleiding voor patiënt en familie, inclusief psychosociale en praktische steun

Prognose

Het beloop van ALS is zeer variabel. Gemiddeld ligt de overleving na diagnose rond 3–5 jaar, maar sommige mensen leven veel langer, anderen korter. Begin in de hersenstam (bulbaire vorm) of snelle ademhalingsinsufficiëntie gaan vaak samen met een sneller beloop. Vroege multidisciplinaire zorg en ademhalingsondersteuning kunnen de levenskwaliteit en soms de duur verbeteren.

Wanneer naar de arts

Zoek medische aandacht bij aanhoudende of toenemende spierzwakte, moeite met spreken, slikken of ademen. Vroege evaluatie door een neuroloog is belangrijk om andere behandelbare oorzaken uit te sluiten en tijdig multidisciplinaire zorg te starten.

Samenvatting

ALS is een ernstige, progressieve motorische neuronziekte met verlies van vrijwillige spierfunctie door degeneratie van bovenste en onderste motorische neuronen. Er is geen genezing, maar vroegtijdige diagnose en een geïntegreerde behandel- en zorgaanpak kunnen complicaties verminderen en de kwaliteit van leven verbeteren. Bij familiegeschiedenis kan erfelijkheid een rol spelen; overleg met uw arts over genetisch onderzoek indien relevant.