Intelligentie verwijst naar bepaalde mentale krachten. Er is geen algemene overeenstemming over welke mentale krachten intelligent zijn of deel uitmaken van de intelligentie. Het idee komt van een Latijns woord: intelligo betekent kiezen tussen verschillende opties. Een deel van de intelligentie stelt mensen in staat om problemen op te lossen. Deze problemen kunnen gemakkelijk worden opgelost. Ze kunnen ook moeilijk op te lossen zijn en abstract denken met zich meebrengen. Voor sommigen is intelligentie een eigenschap, of kenmerk van de geest. Voor anderen is het gewoon de werking van de hersenen, vooral de hersenschors.

Als er een antwoord op een probleem wordt gevonden, kan het worden onthouden. Op die manier wordt het probleem sneller opgelost als het weer opduikt. Dit is wat men noemt leren.

Er is onenigheid over welke meer invloed heeft op de intelligentie, de genetica of het milieu. Ook wordt er mogelijk intelligent gedrag aangeleerd wanneer een organisme (een levend wezen) voldoende reageert op een stimulans.

Wetenschappers geloven dat intelligentie kan worden gemeten of getest. Een soort intelligentietest zou veel problemen in zeer korte tijd oplossen. De meeste problemen hebben te maken met het zien van dingen, of het vertellen hoe een gedraaide vorm eruit zou zien. Sommige hebben ook te maken met de wiskunde: bijvoorbeeld om te vertellen welk getal op een rijtje zou komen. Andere tests hebben te maken met woorden of het begrijpen van taal. Na het geven van zo'n test aan een persoon, zou een getal worden berekend om een benadering van het Intelligentiequotiënt (IQ) te geven.