De Sint-Helenapoot is de enige nog levende vogelsoort die endemisch is op het Zuid-Atlantische eiland Sint-Helena.
Het is een kleine vogel (lengte: 15 cm) met lange en dunne poten, zoals draden; daarom staat de vogel op Sint-Helena bekend als draadvogel.
De Kittlitzplevier (Charadrius pecuarius) is de naaste verwant van de Sint-Helena vogel; voor sommige auteurs is de Sint-Helena plevier een ondersoort van de Kittlitzplevier, maar de meeste zoölogen denken dat het twee verschillende soorten zijn.
De Sint Helenaplevier brengt het grootste deel van zijn tijd op de grond door en vliegt niet vaak; hij wordt het meest aangetroffen in paren, of soms in kleine groepen jonge vogels, op zoek naar voedsel (slakken, kevers en andere ongewervelden) in grasland of in halfwoestijngebieden.
Er wordt het hele jaar door gebroed, maar vooral in het droge seizoen, van eind september tot januari. Het nest bevindt zich op de grond waar ze twee eieren leggen. Na het verlaten van het nest verplaatsen de jonge vogels zich in kleine groepjes over het eiland.