Basis kan betekenen:
- als zelfstandig naamwoord:
- In de wiskunde:
- Basis (wiskunde), of radix, het aantal cijfers in een cijfersysteem, bijv. basis 10
- Basis (geometrie), de onderkant van een driehoek.
- In de sport:
- Basis (honkbal), de 3 canvaszakken en de thuisplaat
- In de architectuur:
- De bodem van een gebouw of andere constructie
- Een deel van sommige soorten kolommen, onder de schacht
- Een voetstuk, dat een standbeeld of ander voorwerp ondersteunt
- Een afgebakend gebied dat onderdak, uitrusting en middelen bevat:
- een plaats die mensen helpt te leven in een vijandige omgeving, zoals een Maanbasis of een basis op Antarctica.
- een militairebasis, die voorziet in onderdak, militaire uitrusting en personeel
- Andere toepassingen:
- In een transistor is de basis de controlerende verbinding met het knooppunt.
- Islamitische Extremistische groepering Al-Qaeda wordt letterlijk in het Engels vertaald als 'The Base'.
- Base (chemie), het "tegengestelde" van zuur, ook wel bekend als een alkali
- als werkwoord
- Gemaakt van de ideeën van... Ontwikkeld uit... Eerst bekend als...
- In de sport:
- BASE-springen - springen met een parachute vanaf een vaste plaats zoals de top van een gebouw of een brug