Een continentaal plat is het deel van het continent dat onder water ligt. Het continentaal plat maakte deel uit van het land tijdens de ijstijden in de glaciale perioden, maar lag onder water in de interglaciale perioden. Wij bevinden ons momenteel in een interglaciale periode.
Elk continent ligt in de zee, als een eiland. Het grootste deel van het eiland ligt boven de waterlijn, en wij zien het als een continent. Een deel ligt echter onder de waterlijn. Voorbij het continentaal plat gaat de bodem tot veel grotere dieptes.
Het continentaal plat is een ondiepe oceaan. Het varieert in diepte, tot 140 meter diep. Het varieert sterk in breedte. Aan de voorrand van een bewegende continentale plaat zal er weinig of geen plat zijn. De westelijke rand van Amerika is daar een voorbeeld van. Het continentaal plat op een passieve rand van een plaat zal breed en ondiep zijn. Het breedste continentaal plat is het Siberisch plat in de Noordelijke IJszee: het is 1500 km (930 mijl) breed.




