In 340 v. Chr. stelde Filips een groot Macedonisch leger samen en viel Thracië binnen. Hij liet de 16-jarige Alexander als regent Macedonië besturen tijdens zijn afwezigheid. Maar toen het Macedonische leger diep in Thracië oprukte, kwam de Thracische stam van Maedi, grenzend aan het noordoosten van Macedonië, in opstand en vormde een gevaar voor het land. Alexander verzamelde een leger, leidde het tegen de opstandelingen en versloeg met snel optreden de Maedi, veroverde hun bolwerk en doopte het om tot Alexandropolis.
Alexander werd koning van Macedonië in 336 v. Chr. toen zijn vader werd vermoord. Een vergadering van de Griekse steden maakte hem tot strategos (generaal of opperbevelhebber). Hij gebruikte dit gezag om de militaire expansieplannen van zijn vader te lanceren. In 334 v. Chr. viel hij het door Perzië bestuurde Klein-Azië binnen. Hij begon aan een reeks veldtochten die tien jaar duurden. Alexander brak de macht van Perzië in een reeks beslissende veldslagen, met name de slagen bij Issus en Gaugamela. Hij wierp de Perzische koning Darius III omver en veroverde het hele Perzischerijk. Op dat moment strekte Alexanders rijk zich uit van de Adriatische Zee tot aan de rivier de Indus.
Hij viel India aan in 326 v. Chr. en versloeg koning Porus, die heerste over een gebied in de Punjab. Daarna werden zij bondgenoten. India was in die tijd verdeeld in honderden koninkrijken. Het leger weigerde de Indus over te steken en de koningen aan de andere kant te bevechten, dus Alexander leidde hen India uit.
Alexander stierf in Babylon in 323 voor Christus, door onbekende oorzaak. Vergiftiging, moord, of koorts na een veldslag zijn allemaal gesuggereerd. Bij zijn dood was hij bezig met het plannen van een reeks veldtochten die zouden zijn begonnen met een invasie in Arabië. In de jaren na zijn dood verscheurde een reeks burgeroorlogen zijn rijk. Verschillende staten werden toen geregeerd door de Diadochi, de overlevende generaals en erfgenamen van Alexander. Zij bevochten en veroverden elkaar. Het grootste overgebleven stuk was het Seleucidische Rijk.
Tot de nalatenschap van Alexander behoort de culturele verspreiding van Macedonische ideeën en taal. Hij stichtte een twintigtal steden die naar hem genoemd werden, met als bekendste Alexandrië in Egypte. Alexanders vestiging van Macedonische kolonisten resulteerde in een nieuwe Hellenistische beschaving. Tekenen hiervan zijn te zien in het Byzantijnse Rijk in het midden van de 15e eeuw na Christus. Tot in de twintiger jaren van de vorige eeuw werd er Macedonisch gesproken in Centraal- en Verre Oost-Anatolië.
Toen Alexander stierf was hij pas 32 jaar oud.