Het Angelsaksische Engeland is de geschiedenis van Engeland van de 5e tot de 11e eeuw.

De Angelsaksen waren mensen van Germaanse stammen. Ze kwamen eerst als migranten naar Zuid-Brittannië vanuit Centraal-Europa. De Angelsaksische geschiedenis begint na het einde van de Romeinse overheersing.

In de 5e en 6e eeuw waren er zeven Angelsaksische koninkrijken: Northumbria, Mercia, East Anglia, Essex, Kent, Sussex en Wessex.

Het Angelsaksische christendom kwam in de 7e eeuw. Viking invasies en Deense kolonisten begonnen in de 8e eeuw. De geleidelijke eenwording van Engeland onder de Wessex-hegemonie vond plaats in de 9e en 10e eeuw.

Het Angelsaksische Engeland eindigde met de Normandische verovering van Engeland door Willem de Veroveraar in 1066. De Angelsaksische identiteit overleefde na de verovering door de Normandiërs en ontwikkelde zich langzaam tot het moderne Engelse volk.