Een neusgat (of naris, pl. nares) is een van de twee kanalen van de neus, vanaf het punt waar ze tweeledig zijn tot de uitwendige opening.
Bij vogels en zoogdieren bevatten zij vertakte beenderen of kraakbeenderen, turbinaten genaamd, die als functie hebben de lucht op te warmen bij het inademen en vocht af te voeren bij het uitademen. Vissen ademen niet door hun neus, maar zij hebben wel twee kleine gaatjes om te ruiken, die neusgaten worden genoemd.
Bij de mens betekent de neuscyclus dat de neusgaten in de loop van de dag ongeveer om de vier uur van neus wisselen, wat betekent dat slechts één neusgat tegelijk wordt gebruikt.

