William Nunn Lipscomb, Jr. (9 december 1919- 14 april 2011) was een Nobelprijswinnende Amerikaanse anorganische en organische chemicus. Hij werkte in nucleaire magnetische resonantie, theoretische chemie, boorchemie en biochemie.

Lipscomb is geboren in Cleveland, Ohio. Zijn familie verhuisde in 1920 naar Lexington, Kentucky. Hij woonde daar tot hij in 1941 zijn Bachelor of Science graad in Chemie behaalde aan de Universiteit van Kentucky. Daarna behaalde hij zijn Doctor of Philosophy graad in Chemistry aan het California Institute of Technology (Caltech) in 1946.

Van 1946 tot 1959 doceerde hij aan de Universiteit van Minnesota. Van 1959 tot 1990 was hij hoogleraar scheikunde aan de Harvard University. Na 1990 werd hij emeritus hoogleraar aan Harvard.

Lipscomb is in Cambridge, Massachusetts gaan wonen tot zijn dood in 2011 door een longontsteking.

Lipscomb was een van de eerste mensen die gebruik maakte van nucleaire magnetische resonantie (NMR) om chemische structuren te bestuderen. Hij leerde hoe hij naar NMR-data moest kijken om te zien welke atomen in een molecuul met elkaar verbonden zijn. Dit wordt "chemische verschuiving" genoemd.

Lipscomb bestudeerde moleculen. Deze moleculen bevatten booratomen. Lipscomb gebruikte dit werk om basisideeën te leren over hoe atomen chemische bindingen vormen. Lipscomb en zijn studenten creëerden veel belangrijke ideeën op het gebied van theoretische chemie. Zijn werk over boorverbindingen won in 1976 een Nobelprijs. Drie van zijn studenten wonnen ook een aparte Nobelprijs voor scheikunde.

Lipscomb's latere onderzoek ging over de atoomstructuur van eiwitten. Hij bestudeerde hoe enzymen werken. Zijn groep gebruikte röntgendiffractie om de driedimensionale structuur van deze eiwitten te meten. Hij berekende de exacte locatie van elk atoom in deze grote moleculen. Lipscomb bestudeerde vervolgens deze details om te leren hoe de moleculen in biologische systemen werken.

Carboxypeptidase A was de eerste eiwitstructuur uit de groep van Lipscomb.