Defensines zijn kleine kationeiwitten die bij dieren en planten worden aangetroffen. Het zijn peptiden ter verdediging van de gastheer. Zij werken tegen bacteriën, schimmels en vele virussen.

Defensines hebben 18-45 aminozuren, waaronder zes tot acht geconserveerde cysteïneresiduen. Cellen van het immuunsysteem hebben deze peptiden om te helpen bij het doden van gefagocytiseerde bacteriën. Tot deze cellen behoren neutrofiele granulocyten en bijna alle epitheelcellen. De meeste defensines werken door zich te binden aan het celmembraan van de bacterie. Daar maken ze kleine gaatjes in het membraan waardoor vitale ionen en voedingsstoffen kunnen weglekken.