Een aardse planeet bestaat voor het grootste deel uit gesteente (silicaat). De aarde is de "oorspronkelijke" aardse planeet. Toen astronomen de soorten planeten begonnen te begrijpen, breidden zij de term uit tot onze naaste rotsachtige buren: Mercurius, Venus en Mars.
Er wordt vaak gezegd dat ze op de aarde lijken. Dit is waar voor het grootste deel van de structuur en samenstelling, maar niet voor het oppervlak of de atmosfeer. Een aardse planeet kan veel heter of kouder zijn dan de Aarde, en kan veel meer of veel minder atmosfeer hebben.
Met de ontdekking van planeten die om andere sterren draaien (exoplaneten), is de term aardse planeet weer uitgebreid tot elke rotsachtige (silicaat) planeet die om een ster draait.

