De Rode Koningin is de naam van een evolutietheorie van Leigh Van Valen en, later, een boek van Matt Ridley.
De term is ontleend aan de race van de Rode Koningin in Lewis Carroll's Through the Looking-Glass. De Rode Koningin zei: "Je moet zoveel rennen als je kunt, om op dezelfde plaats te blijven." Het principe van de rode koningin kan als volgt worden uitgelegd:
Voor een evolutionair systeem is voortdurende ontwikkeling alleen al nodig om zijn fitness te behouden ten opzichte van de systemen waarmee het samen-evolueert.
De hypothese wordt gebruikt om twee verschillende verschijnselen te verklaren: het voordeel van de seksuele voortplanting op het niveau van de individuen, en de voortdurende evolutionaire wapenwedloop tussen concurrerende soorten.
Het boek neemt het idee van Van Valen, dat over co-evolutie gaat, en breidt het uit tot een discussie over seksuele selectie bij de mens. Het betoogt dat weinig aspecten van de menselijke natuur kunnen worden begrepen los van seks, aangezien de menselijke natuur een product van evolutie is, en evolutie in ons geval wordt aangedreven door seksuele selectie.