Transfectie is het proces waarbij opzettelijk DNA of RNA in cellen wordt gebracht. Het woord wordt gevormd uit transformatie en infectie. De term wordt gebruikt voor:

  1. Transformatie van bacteriële cellen met virale nucleïnezuren
  2. Transformatie van dierlijke cellen in weefselcultuur met gezuiverd DNA. Het DNA wordt toegevoegd aan het genoom van de cellen.
  3. Transformatie van cellen of embryo's met enkelstrengs of dubbelstrengs RNA. Dit veroorzaakt de opbouw van bepaalde eiwitten, of het uitschakelen van bepaalde genen.
  4. Gentherapie met een gemodificeerd virus als vector.

Transfectie kan resulteren in onverwachte morfologieën en afwijkingen in de doelcellen. Transfectie met RNA-moleculen veroorzaakt veranderingen die niet permanent langs een lijn cellen kunnen worden overgedragen.