Oswald Theodore Avery Jr. FRS (21 oktober 1877 - 20 februari 1955) was een in Canada geboren Amerikaanse arts en medisch onderzoeker. Het grootste deel van zijn carrière bracht hij door in het Rockefeller University Hospital in New York City.

Avery was een van de eerste moleculaire biologen en een van de eersten die de immunochemie bestudeerde.

Hij is vooral bekend vanwege het experiment (gepubliceerd in 1944 met zijn collega's Colin MacLeod en Maclyn McCarty) dat bewees dat DNA het materiaal is waaruit genen worden gemaakt.

Nobelprijswinnaar Arne Tiselius zei dat Avery de meest verdienstelijke wetenschapper was die de Nobelprijs voor zijn werk niet kreeg, hoewel hij in de jaren 1930, 1940 en 1950 meermaals voor de prijs werd genomineerd.

Leven en loopbaan

Oswald Avery werd geboren in Halifax (Nova Scotia) maar bracht het grootste deel van zijn professionele leven in de Verenigde Staten door. Hij volgde medische opleiding en wijdde zich vroeg in zijn loopbaan aan onderzoek in bacteriologie en immunologie. Vanaf het begin van de 20e eeuw werkte hij bij het Rockefeller Institute (later Rockefeller University), waar hij tientallen jaren onderzoek deed naar bacteriële virulentie en immuunreacties. Hij stond bekend als een nauwkeurige, methodische onderzoeker met weinig belangstelling voor publieke roem.

Het experiment van 1944 (Avery–MacLeod–McCarty)

Het werk dat Avery wereldfaam gaf bouwde voort op de observatie van Frederick Griffith uit 1928, die aantoonde dat niet-virulente bacteriën door een 'transformerende factor' virulent konden worden. Avery en zijn collega’s isoleerden en zuiverden die transformerende stof uit de bacterie Streptococcus pneumoniae (de pneumokok) en voerden een reeks gecontroleerde experimenten uit om de chemische aard ervan te bepalen.

Belangrijke onderdelen van hun aanpak waren:

  • zuivering van de transformerende stof uit virulente stammen;
  • behandeling van het preparaat met enzymen die eiwitten en RNA afbreken (proteasen en RNasen) – deze behandelingen vernietigden de transformerende activiteit niet;
  • behandeling met DNase, een enzym dat DNA afbreekt – deze behandeling maakte de transformerende activiteit onherstelbaar ongedaan.
Deze reeks controles leidde tot de conclusie dat de transformerende stof DNA was. De resultaten werden in 1944 gepubliceerd en vormden een belangrijke stap in het vaststellen van DNA als drager van erfelijke informatie.

Betekenis voor de biologie

Hoewel sommige vakgenoten aanvankelijk sceptisch waren — velen hielden vast aan het idee dat eiwitten de enige geschikte kandidaten waren voor genmateriaal — legde het werk van Avery, MacLeod en McCarty de experimentele basis voor die verschuiving. Hun resultaat gaf later onderzoekers het vertrouwen om DNA verder te bestuderen. Belangrijke bevestigingen volgden: het beroemde experiment van Hershey en Chase (1952) maakte de rol van DNA bij erfelijkheid nog duidelijker, en de ontdekking van de dubbelhelixstructuur door Watson en Crick (1953) verduidelijkte hoe DNA informatie kan coderen en kopiëren.

Erkenning en nalatenschap

Avery ontving tijdens zijn leven verschillende onderscheidingen en werd door vakgenoten hoog gewaardeerd. Desondanks ontving hij geen Nobelprijs — een feit dat onderwerp werd van discussie en spijt bij velen in de wetenschappelijke gemeenschap; zoals genoemd noemde Arne Tiselius hem een van de meest verdienstelijke wetenschappers die de Nobelprijs niet kreeg. Toch wordt Avery tegenwoordig algemeen erkend als een van de grondleggers van de moleculaire biologie.

Zijn werk veranderde fundamenteel hoe biologen naar erfelijkheid kijken en legde de experimentele basis voor het latere werk aan genetische code, DNA-replicatie en moleculaire genetica. In historische overzichten over de ontdekking van DNA als drager van erfelijke informatie neemt het artikel van Avery, MacLeod en McCarty een centrale plaats in.

Persoonlijk en overlijden

Avery stond bekend om zijn bescheidenheid en zijn toewijding aan zorgvuldig laboratoriumwerk. Hij bleef actief in onderzoek en overleg totdat zijn gezondheid achteruitging en hij zich uiteindelijk terugtrok. Oswald T. Avery overleed op 20 februari 1955. Zijn nalatenschap leeft voort in de manier waarop moderne biologie en geneeskunde DNA en erfelijkheid bestuderen.