Een agent is een persoon die een bepaald werk doet, meestal in de rechtshandhaving. Het werk en de rol van een agent kan in verschillende landen sterk verschillen.

Historisch gezien komt het woord constable van het Latijn, komt stabuli, telling van de stallen. Het kwam uit het Oost-Romeinse Rijk. Oorspronkelijk was de agent de persoon die de paarden van een heer of vorst bewaarde. De titel werd later gebruikt in de monarchieën van het middeleeuwse Europa. In veel landen werd de agent een hoge militaire rang en een groot staatsofficier, zoals de Constable van Frankrijk.

In de moderne tijd zijn politieagenten wetshandhavers. In het Verenigd Koninkrijk, het Gemenebest van Naties en sommige Europese landen is een agent de laagste rang van politieagent. In de Verenigde Staten is een agent meestal een gekozen vredesofficier, met minder bevoegdheden dan een sheriff. Op de Kanaaleilanden is een agent echter een gekozen ambtsdrager op parochiaal niveau.

Historisch gezien kan een agent ook iemand zijn die verantwoordelijk is voor de verdediging van een kasteel. Zelfs vandaag de dag is er een agent van de Tower of London.

Het is een soortgelijke positie als Marshal, die afkomstig is van de oude hoge Duitse mara "paard" en schalh "knecht", en oorspronkelijk betekende "stalhouder", die een soortgelijke etymologie heeft.